PEKING - Etnisch geweld tussen de islamitische Hui-minderheid en de Han-meerderheid heeft sinds eind vorige week verscheidene mensenlevens geëist in de centraal gelegen Chinese provincie Henan. Dat hebben ooggetuigen maandag gemeld.

De Amerikaanse krant The New York Times meldde zondag dat de onlusten mogelijk aan bijna 150 mensen het leven hebben gekost. Lokale functionarissen en bronnen uit de moslimgemeenschap in Henan noemen dat cijfer overdreven. Er zouden ongeveer tien doden zijn gevallen en enkele tientallen gewonden.

Staat van beleg

Volgens een Chinese functionaris is naar aanleiding van het geweld de staat van beleg afgekondigd in de regio. Gewapende agenten patrouilleren op straat. Het zou inmiddels weer relatief rustig zijn.

Volgens sommige bronnen waren de onlusten het gevolg van een uit de hand gelopen verkeersruzie. Anderen meldden dat de vlam in de pan sloeg nadat een Hui-taxichauffeur een meisje uit de Han-gemeenschap had doodgereden.

Censuur

De Chinese staatsmedia hebben niet bericht over het geweld. Lokale journalisten hebben aan het Franse persbureau AFP laten weten dat zij er van de autoriteiten niet over mogen publiceren.