ROTTERDAM - De advocaten van Pim Fortuyn hebben maandag bij het Openbaar Ministerie in Rotterdam aangifte gedaan tegen D66-lijsttrekker Thom de Graaf, VVD-voorzitter Bas Eenhoorn en PvdA'er Rob Oudkerk. Ze verwijten dit drietal het aanzetten tot haat tegen de doodgeschoten Pim Fortuyn.

Diezelfde aangifte deden de raadslieden ook tegen de journalisten Marcel van Dam (Vara), Peter Storm (De Socialist) en Matty Verkamman (Trouw). Ook tegen NRC Hanbelsblad is aangifte gedaan. Het NRC ging volgens Spong en Hammerstein over de schreef in het commentaar van maandag 6 mei, de dag van de moord.

De krant stelde dat de dodenherdenking en bevrijdingsdag van het weekeinde daarvoor het antidiscriminatiebeginsel en vrijheid van meningsuiting symboliseren en dat "we ons hier de xenofoben en racisten van het lijf wensen te houden. Het is een grote schande dat we zestig jaar na dato een politicus in ons midden daaraan moeten herinneren."

Volgens de advocaten G. Spong en O. Hammerstein geven ze met hun aangifte gevolg aan het verzoek van Pim Fortuyn. Hij zou hen hebben gevraagd onderzoek te doen mocht er iets met hem gebeuren.

Meningsuiting

De raadslieden menen dat de feiten waarvoor strafrechtelijke vervolging is gevraagd, niet vallen onder het recht op de vrije meningsuiting. "Hoe ruim die vrijheid juist naar overtuiging van Pim Fortuyn moet worden uitgelegd", benadrukken de advocaten.

Marcel van Dam noemde Fortuyn in een column op 14 februari in de Volkskrant "een onvervalste anti-islamiet", waarbij hij Fortuyn's beweerde anti-islamisme op één lijn stelde met antisemitisme.

Ook recentelijk heeft Van Dam zich volgens Spong en Hammerstein in soortgelijke bewoordingen over Fortuyn uitgelaten. "Enkele weken geleden heeft Van Dam Fortuyn immers in het televisieprogramma Het Lagerhuis aangeduid als 'Untermensch'."

Nazi

Na het omstreden interview in de Volkskrant van de vermoorde politicus over het herbezinnen op artikel 1 van de Grondwet in relatie tot vrijheid van meningsuiting, overtraden de aangegeven politici de wet, vinden de advocaten.

In de ogen van Spong en Hammerstein typeerden zij Fortuyn als pleitbezorger van het nazisme en stelden ze hem vanwege zijn politieke opvattingen op één lijn met exponenten uit het Derde Rijk.

De Graaf

D66-voorman De Graaf citeerde in reactie op het interview uit het dagboek van Anne Frank. Volgens de aanklacht zou De Graaf ook gezegd hebben dat Anne Frank haar achterkamertje maar beter alvast voor onderduiken gereed kan maken. D66 wijst er echter op dat deze woorden nooit gesproken zijn door De Graaf. De partij laat in een reactie weten: "Alle radio- en TV-registraties van bovengenoemde toespraak wijzen uit dat bovenstaande woorden nooit zijn gezegd, in deze toespraak noch elders. Het zou deze advocaten professioneel sieren als zij deze valse aangifte onmiddellijk intrekken." De Graaf noemt de beschuldiging zelfs "partijpolitieke smaad van de eerste orde."

Bas Eenhoorn van de VVD wordt verweten dat hij Fortuyn vergeleek met Benito Mussolini.

Journalist Matty Verkamman van dagblad Trouw is volgens de advocaten van Fortuyn te ver gegaan door hun cliënt te omschrijven als "een man met de intelligentie van Hitler en de charme van Heinrich Himmler".

De partij Lijst Pim Fortuyn ondersteunt de aangifte.

/NIEUWSSpong overweegt ook aangifte tegen journalistenSpong onderzoekt aanzet tot haat door regeringsleden

/DOSSIERFortuyn