STOCKHOLM - De Nobelprijs voor Scheikunde is dit jaar toegekend aan de Israëli's Aaron Ciechanover en Avram Hershko en de Amerikaan Irwin Rose. Dat heeft de Koninklijke Zweeds Academie van Wetenschappen woensdag bekendgemaakt. De drie ontvangen de prijs voor hun onderzoek naar de afbraak van niet meer benodigde proteïnen in het menselijk lichaam.

De in 1947 geboren Ciechanover is werkzaam aan het Technion, het Israël Instituut van Technologie in Haïfa. Zijn landgenoot Hershko (67) was daar eveneens aan verbonden. De 78-jarige Amerikaan Rose was werkzaam aan de Universiteit van Californië.

Volgens de Zweedse academie was er altijd veel belangstelling voor de wijze waarop cellen proteïnen of eiwitten produceren. Maar voor de afbraak van deze proteïnen bestond relatief weinig interesse. Met hun onderzoek hiernaar gingen de drie wetenschappers tegen de wetenschappelijke stroom in, aldus de verklaring van de academie.

Afbraak

Begin jaren tachtig ontdekten de drie laureaten een van de belangrijkste cyclische processen binnen de cel, de gereguleerde afbraak van proteïnen. Wanneer bepaalde eiwitten niet correct worden afgebroken kan bijvoorbeeld een vorm van kanker ontstaan. Dankzij het onderzoek van Ciechanover, Hershko en Rose kunnen nu medicijnen worden ontwikkeld tegen deze ziekte.

Cellen

Cellen produceren en vernietigen in een razend tempo proteïnen. De eiwitten die moeten worden afgebroken krijgen een moleculaire label, de zogeheten 'kus des doods'. Daarna worden deze gemerkte eiwitten afgevoerd naar de 'vuilvernietiging' van de cel waar ze in kleine stukjes worden gehakt en vernietigd.

De 'kus des doods' bestaat uit een molecuul geheten ubiquitine. Kort voordat het eiwit wordt vernietigd, laat de ubiquitine los en kan dan opnieuw hergebruikt worden. "Dankzij het werk van de drie laureaten is het nu mogelijk om op moleculair niveau te begrijpen hoe cellen een aantal centrale processen controleren door de afbraak van bepaalde proteïnen en andere niet", aldus de academie in het rapport.