AMSTERDAM - Alle twaalf van moord verdachte leden van de Nomads, de club van Hells Angels in het Limburgse Oirsbeek, moeten nog eens drie maanden in voorlopige hechtenis blijven. Dat heeft de rechtbank in Amsterdam dinsdag besloten.

Ook een bij de zaak betrokken Limburgse drugshandelaar, D. K., moet van de rechtbank vast blijven zitten. De rechters bogen zich maandag en dinsdag in een openbare zitting over de verlenging van hun voorarrest.

Vermoord

Het Openbaar Ministerie (OM) verdenkt de twaalf Nomads er onder meer van dat zij in februari drie leden van hun club hebben vermoord.

Motief daarvoor is volgens justitie een mislukte cocaïnehandel. K. zou de grote man achter die handel zijn geweest. Onder de drie slachtoffers was ook de 54-jarige president van de Nomads, Paul de Vries.

Voortvluchtig

Politie en justitie lieten maandagavond in het tv-programma Opsporing Verzocht weten dat ze nog op zoek zijn naar vier voortvluchtige leden van de motorclub. Het OM verdenkt ook hen van de drievoudige moord.

De drie lichamen van de slachtoffers werden op 13 februari doorzeefd met kogels gevonden in de Geleenbeek in Echt. Het OM vermoedt dat de drie twee dagen eerder in de vergaderruimte van het clubgebouw van de Nomads in Oirsbeek zijn geliquideerd.

Bloedsporen

De vergaderruimte, die volgens de politie pas was gerenoveerd, is na de moorden afgebroken en vernieuwd. Toch heeft de politie in het clubgebouw bloedsporen aangetroffen van de drie doden. Zij is nog op zoek naar rode leren stoelen die in de ruimte stonden, waarschijnlijk met naamplaatjes van Nomads-leden erop.

De rechtbank stelde dat naarmate de verdachten langer vastzitten er zwaardere eisen aan de kwaliteit van de verdenking moeten worden gesteld. De advocaten van de Nomads hebben zonder uitzondering betoogd dat het bewijs dat justitie tot dusver heeft verzameld mager is en niet is terug te voeren op de verdachten individueel.

Balans

De rechtbank liet de balans voorlopig doorslaan naar het maatschappelijk belang: zij vindt de feiten zo ernstig dat voortduring van het voorarrest, ook in het belang van het onderzoek, is gerechtvaardigd.

Niettemin stelde de rechtbank dat justitie en politie het onderzoek over drie maanden echt klaar moeten hebben, zodat zij de zaak inhoudelijk kan behandelen.

'Ontoegankelijk

Tevens droeg de rechtbank de officier van justitie op het "ontoegankelijke" dossier binnen een maand op orde te brengen. Ook daarover hebben de advocaten zich beklaagd.

Een van de advocaten, N. Meijering, betreurde het dat zijn cliënt blijft vastzitten, maar toonde zich tevreden met de kanttekeningen die de rechtbank heeft gemaakt. "Justitie heeft duidelijk nog één kans gekregen. Als zij over drie maanden niet klaar is, komen de verdachten geheid op vrije voeten."