ROTTERDAM - Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen Ruud Lubbers heeft geen spijt van zijn houding tegenover een medewerkster van zijn organisatie die een klacht wegens seksuele intimidatie tegen hem indiende. Dat stelt hij dinsdag in een interview met het Algemeen Dagblad.

"We hadden een vergadering met zeven mensen in mijn kantoor", zo stelt Lubbers. "Na afloop hiervan laat ik de medewerkster uit en leg mijn hand op haar rug.

Twee mensen hebben dat gezien. Later is een van die twee grappen naar haar gaan maken: 'De Hoge Commissaris vindt je kennelijk aardig.' Maar het enige dat ik heb gedaan, was dat ik hoffelijk tegen haar ben geweest."

De Hoge Commissaris zegt daar "absoluut geen spijt" van te hebben. "Ik zal dat absoluut weer doen. Ik zal mijn leven niet veranderen. Ik doe dat gewoon."

Volgens de betrokken vrouw zou Lubbers haar in de billen had geknepen. Na intern onderzoek werd die klacht afgewezen omdat er onvoldoende bewijs was.