AMSTERDAM - Planetenjagers van NASA hebben een heel nieuwe groep exoplaneten gevonden; geen grote gasreuzen zoals vroeger, maar kleine jongens, nog geen twintig keer zo zwaar als de aarde. Geoffrey Marcy en R. Paul Butler zijn razend enthousiast. Niet vreemd, want de jagers op planeten buiten ons zonnestelsel hebben een nieuw type van exoplaneten (extrasolar planets) aangeboord. Geen hete Jupiters meer, gasreuzen vlakbij een ster, maar planeten van Neptunus-formaat, zo meldt Kennislink.

Bekijk video:
Modem/ Breedband

Met zo'n twintig aardmassa's per stuk liggen de nieuwe exoplaneten precies op het grensvlak tussen rotsachtige en gasvormige planeten. Sterrenkundigen zoeken al jaren naar rotsachtige planeten zoals Mercurius, Venus, Mars en de aarde. De twee teams zullen in het prestigieuze Astrophysics Journal publiceren over hun onderzoek.

Marcy en Butler onderzochten zo'n 900 sterren in de omgeving van de zon, waarvan 150 M-dwergen op exoplaneten. Die 150 M-Dwergen zijn heel lichte sterren en staan allemaal binnen 30 lichtjaar van de aarde. In het spectrum van de ster Gliese 436 zagen ze de karakteristieke kleurenwisseling die op een exoplaneet wijst. Gliese 436 staat op 32 lichtjaar van de aarde.

Doppler-methode

Om de Neptunus-klasse op te sporen gebruiken de speurders de Doppler-methode. De ster beweegt eens van de aarde af en eens naar ons toe. Beweegt de ster naar ons toe, dan zorgt het Doppler-effect voor een kleurverschuiving naar het blauw. Als de ster van ons afreist lijkt het licht ervan juist roder te worden. Dit is hetzelfde effect dat een ambulancesirene van toon laat veranderen als hij naar je toe rijdt, je passeert en zich dan weer verwijdert.