'Regelgeving verleidt banken tot verkeerde dingen'

Regelgeving die door overheden en toezichthouders in het leven is geroepen, heeft banken ertoe verleid verkeerde dingen te doen. Ook zouden bonussen in de financiële sector moeten worden afgeschaft.

Dat zegt Nout Wellink, president van De Nederlandsche Bank (DNB) tussen 1997 en 2011, in een gesprek met NU.nl. 

Banken konden voor het uitbreken van de wereldwijde financiële crisis in 2007 ongestoord staatspapier op hun balansen zetten, zonder daar extra kapitaal tegenover te stellen voor het geval dit papier minder of niets waard bleek te zijn.

"Een goed voorbeeld zijn de Griekse banken. Zonder staatspapier van hun eigen overheid waren die niet in de problemen gekomen", zegt Wellink.

Wellink doet zijn uitspraken exact vijf jaar na de val van de IJslandse spaarbank Icesave waarbij ruim honderdduizend Nederlandse spaarders hun geld in rook zagen opgaan. Volgens de oud-DNB-bestuurder "een buitengewoon naar en vervelend moment."

Dat gebeurde aan het begin van de financiële crisis die in de zomer van 2007 vanuit de Verenigde Staten overwaaide naar Europa.

Bekijk het interview:

Bonus

Met de regels uit Basel III, een internationaal akkoord tussen banken waarin onder andere is vastgelegd dat de financiële buffers verhoogd moeten worden, zijn volgens Wellink een aantal zaken aangepakt.

"Maar er zijn dingen blijven liggen", zegt Wellink over die afspraken. Zo had hij meer willen doen aan het aan banden leggen van bonussen in de bancaire wereld. 

"Bonussen hebben nog wel een nuttige functie. Als het misgaat stijgen je loonkosten minder snel en binnen grenzen kunnen bonussen stimuleren. Maar die idiotie van een bonus van tien miljoen, daar is geen relatie tussen."

Volgens Wellink loop je met bonussen altijd het risico dat werknemers enkel en alleen handelen vanuit de motivatie die extra beloning binnen te krijgen, en dat is niet in het belang van de onderneming.

"Eigenlijk moet het nergens gebeuren want je moet gewoon je best doen. Je moet naar vermogen bijdragen en dat is het. Daar mag je best een goed salaris voor krijgen."

Gebakken peren

Terugkijkend naar begin oktober 2008 noemt Wellink nationaal toezicht niet effectief genoeg om daadkrachtig te kunnen optreden. Volgens hem wilde Landsbanki, het moederbedrijf van Icesave, vlak voor de problemen aan het licht kwamen geen openheid van zaken geven.

"De essentie van het probleem was dat in Europa een regeling gold van een Europees paspoort. Als je een bancair paspoort in eigen land kreeg, kun je in beginsel overal in Europa gaan bankieren."

"Daar zaten we in wezen met de gebakken peren. Toen wij in juli 2008 zagen dat de zaken uit de hand begonnen te lopen, heb ik allerlei stappen genomen en laten nemen bij de IJslanders, maar we kregen geen vat op ze. Ze gaven alleen maar positieve informatie."

Wellink noemt de houding van de IJslandse toezichthouder in die tijd laconiek toen de hoogte en het tempo van Nederlands spaargeld richting Icesave in zijn ogen zorgelijk hoog opliep. "Zij zeiden gesteund door advocatenkantoren: 'waar halen jullie het recht vandaan om dit soort dingen te doen?'"

Bankenunie

Of de bankenunie, waarbij onder andere het toezicht op Europees niveau wordt uitgevoerd door de Europese Centrale Bank (ECB), het debacle met Icesave had kunnen voorkomen blijft de vraag. Wel is voor Wellink duidelijk dat Europees toezicht noodzakelijk is om over grenzen heen te kunnen kijken.

"Ik ken nog steeds de boekhouding van Landsbanki niet, zij zaten al maanden voor de val van Icesave in de problemen. Als er een uitwisseling was geweest over deze problemen tussen de Nederlandse, de Engelse en de IJslandse toezichthouder, dan waren ze hier gewoon niet binnen gelaten."

Bijkantoren

Met het nieuwe Europese toezicht worden de nationale centrale banken volgens Wellink bijkantoren van de ECB met medewerkers die onder de Europese autoriteit vallen. 

"Toen wij om informatie vroegen aan IJsland, begonnen ze met advocatenrapporten te zwaaien", zegt Wellink over de periode in aanloop naar de val van Icesave.

Of de bankenunie het medicijn is tegen een volgende crisis, is volgens Wellink niet te zeggen. "Er is geen garantie. In de Verenigde Staten heb je ook een toezichthouder en een centrale bank. Toch ging het ook daar fout", zegt Wellink.

Europa

Het echte probleem ligt volgens de oud-toezichthouder bij de vraag: wie gaat er betalen als een bank in de problemen komt?

"Daar moet een pot voor komen. Het besluit daarover moet niet al te nationalistisch zijn, de Europese belangen moeten voorop staan. Het gevecht hoe daarover beslist gaat worden en door wie, is nog lang niet afgerond. Europese besluitvorming is hierin het centrale woord", aldus Wellink.

Lees alles over de schuldencrisis in ons dossier

Tip de redactie