PASADENA/NOORDWIJK - De Amerikaans-Europese ruimtesonde Cassini-Huygens heeft donderdag de eerste beelden van de ringen van Saturnus naar de aarde gezonden. Dat meldden de ruimtevaartorganisaties NASA en ESA donderdag tijdens een persconferentie.

De onderzoekers van NASA en ESA toonden zich opgewonden over de kwaliteit van de zwart-witfoto's, die al een behoorlijk gedetailleerd beeld laten zien van de mysterieuze ringen van Saturnus. Ook Pan, de binnenste maan van Saturnus, is te zien op de beelden.

Perfect

De Cassini-Huygens kwam donderdagochtend in een baan om Saturnus. Volgens de 'vluchtleiding' is de ruimtesonde, zeven jaar na zijn lancering, in perfecte staat bij zijn reisdoel aangekomen.

De sonde vloog zonder problemen door de ringen van de op een na grootste planeet van ons zonnestelsel. Vervolgens werd de stuwmotor geactiveerd om het vaartuig in een baan rond de planeet te brengen.

Saturnus

De 3,4 miljard dollar kostende en circa 5400 kilo wegende Cassini-Huygens is een samenwerkingsproject van NASA en ESA. De door de Amerikanen gebouwde satelliet Cassini concentreert zich op Saturnus.

De komende vier jaar trekt de satelliet 76 banen om de planeet om metingen te verrichten. Twee camera's gaan 300.000 foto's van Saturnus, zijn ringen en manen maken. Het is voor het eerst sinds de jaren tachtig, toen ruimtevaartuigen langsscheerden, dat de planeet weer van nabij wordt bekeken.

Huygens

De sonde Huygens wordt op 25 december losgekoppeld van Cassini, waarna het apparaat zal neerdalen in de atmosfeer van Titan. De grootste van de 31 manen van Saturnus werd ontdekt door de e-eeuwse Nederlandse astronoom Christiaan Huygens.

Titan is voor onderzoekers zo interessant omdat hij een atmosfeer heeft. Bovendien bestaat die luchtlaag voornamelijk uit stikstof net als op de aarde. Titan staat echter veel verder verwijderd van de zon dan de aarde. Wetenschappers verwachten daarom een "diepvriesversie" van onze oeratmosfeer aan te treffen.

Plutonium

Het Cassini-Huygens-project was omstreden. Milieugroeperingen hoopten in 1997 de lancering via de rechter te kunnen verbieden, omdat Cassini-Huygens ruim 32 kilo plutonium bij zich heeft. Zij vreesden een ramp als het plutonium, dat wordt gebruikt voor de stroomvoorziening, bij een mislukte lancering zou vrijkomen.

De rechter stelde hen in het ongelijk en liet de wetenschappelijke waarde van de missie prevaleren. Volgens NASA vormde het radioactieve plutonium geen bedreiging. Het ruimtevaartbureau schatte de kans op het ontsnappen van het plutonium op een op een miljoen.