AMSTERDAM - Dezelfde advocaten die Amerikaanse en Zwitserse bedrijven aanklagen vanwege hun vroegere aandeel in de transatlantische slavenhandel, zullen ook Nederlandse bedrijven aanklagen, zo meldt donderdag de Volkskrant. Nederlandse bedrijven die in het verleden hebben geprofiteerd van de slavernij hangt een schadeclaim van miljoenen boven het hoofd. Het is nog niet bekend welke bedrijven dat zijn.

De Nederlandse betrokkenheid bij de slavernij omvat ruim vierhonderd jaar. Via de West-indische Compagnie (WIC) heeft Nederland de meeste slaven verscheept naar Suriname, dat vanaf 1667 een kolonie was geworden. Daarnaast zijn ook veel slaven terecht gekomen in Spaans-Amerika, Brazilië en de Nederlandse Antillen.

In totaal zijn in de loop van ruim twee eeuwen tien tot twaalf miljoen Afrikanen verscheept. Het aandeel van Nederland bedraagt ongeveer vier à vijf procent, rond de 450.000 slaven. Ons land wordt in verschillende bronnen beschreven als een natie die de slavenhandel tot bloei heeft gebracht.

Misdaad tegen de menselijkheid

De juridische basis voor een eventueel proces tegen Nederlandse bedrijven is dat zij zich schuldig hebben gemaakt aan een misdaad die volgens volkenrechtelijke normen als een 'misdaad tegen de menselijkheid' moet worden gekwalificeerd.

Het is weliswaar eeuwen geleden is dat Nederlandse ondernemingen zich met slavenhandel bezighielden, maar dat doet er volgens de Amerikaanse advocaat Michael Hausfeld niet aan af dat zij zich moeten verantwoorden voor deze ongerechtigheid. Het is de bedoeling dat eventuele schadevergoedingen in een fonds worden gestort waaruit sociale projecten voor de zwarte gemeenschap in de VS worden gefinancierd.

Krijgsgevangenen

Overigens was het echter niet zo dat de Nederlanders door Afrika trokken om slaven te ronselen, zegt Benedict Der, hoogleraar geschiedenis aan de universiteit van Cape Coast, Ghana

/NIEUWSDrie bedrijven in VS aangeklaagd wegens slavernij