AMSTERDAM - De actrice Mary Dresselhuys is woensdagochtend in alle vroegte thuis in haar slaap overleden. Dat heeft Stage Holding van Joop van den Ende meegedeeld. Dresselhuys, die tot op hoge leeftijd actief was en overal en altijd volle zalen trok, was 97 jaar oud.

Bekijk video:
Breedband / Modem

Ruim over de honderdvijftig rollen heeft Mary Dresselhuys in haar glorierijke toneelloopbaan gespeeld. Als het aan haar ouders had gelegen was dat nimmer gebeurd en had zij niet kunnen uitgroeien tot een van de grootste comédiennes van het Nederlandse toneel. Haar vitaliteit tot op hoge leeftijd heeft een afscheid van het theater steeds uitgesteld.


'Het moet hier altijd serieus en zwaar zijn. Daarom is tragedie hier waardevoller dan komedie'

Een afscheidstournee was sowieso niets voor haar. Ondanks dat ze ouder en ouder werd, pakte ze toch steeds weer nieuwe stukken op met mooie "oude vrouwenrollen", zoals Herfst in Riga, Leocadia Harold en Maude en Hoog Tijd. Toen ze tachtig werd in 1987 schreef Paul Haenen in opdracht van de actrice zelf en haar dochter Petra het tragi-komische Een bijzonder prettig vergezicht. Tien jaar later was Haenen de aangever in een paar avonden waarop Dresselhuys terugkeek op haar loopbaan.

Tiel

Mary Dresselhuys werd op 22 januari 1907 geboren in Tiel in een milieu en omgeving waar volgens haar eigen zeggen bijna niemand in toneel geïnteresseerd was. Op het gymnasium speelde ze haar eerste rollen. De vakanties bij haar grootmoeder in Den Haag gebruikte ze om toneel te zien, tussen haar veertiende en haar negentiende zo'n tweehonderd stukken.

Kostschool

Na een halfjaar op een Engelse kostschool deed ze stiekem voor haar ouders en met succes toelatingsexamen voor de Toneelschool in Amsterdam. Na haar eindexamen in 1929 speelde Dresselhuys onder Cor van der Lugt Melsert haar eerste rol in Men trouwt geen meisjes zonder geld. Twee jaar later ging ze over naar het Centraal Tooneel, waar ze tot 1945 bleef. In die periode maakte ze 's zomers uitstapjes naar het cabaret van Cor Ruys.

Toneel

Verbintenissen met vele gezelschappen zouden volgen: het Residentie Tooneel (1945-47), Comedia (1945-50), Haagse Comedie (1948-49), Gezelschap Guus Oster (1949-50), Nederlandse Comedie (1950-63 en 1966-68), Ensemble (1963-66), Centrum (1967/68) en het Publiekstheater (1975/76). Vanaf eind zestiger jaren stond ze veel meer in vrije produkties, de laatste twintig jaar veelal met producent Joop van den Ende. Hem heeft ze omschreven als "een parel voor mij, gewoon de zoon die ik nooit heb gehad".

Huweljk

Mary Dresselhuys is drie keer getrouwd geweest. Van 1929-1933 was dat met de acteur Joan Remmelts en van 1934-1946 met acteur Cees Laseur, uit welk huwelijk hun dochters Merel en Petra werden geboren). In 1955 trouwde ze met vlieger-auteur Adriaan Viruly ("Jons"). Hij stierf in 1986. Over haar intense huwelijk met Viruly schreef Mary Dresselhuys een boekje met tien korte verhalen onder de titel "Jons".

Rollen

Dresselhuys, de actrice met de onnavolgbare stem, heeft allerlei soorten rollen gespeeld, maar kreeg haar reputatie als de Koningin van de Komedie. Volgens haar is de komedie een in Nederland onderschat genre. "Het moet hier altijd serieus en zwaar zijn. Daarom is tragedie hier waardevoller dan komedie", zei ze in '87.

"Ik heb niet de dramatische expansie die nodig is voor de Griekse tragedie", voegde ze daaraan toe. Anderzijds had zij weinig op met komische niemandalletjes. Een blijspel is volgens haar pas de moeite waard als het ook iets laat zien van de achterkant van de rol en dus een serieuze ondertoon heeft.

Kroonverjaardag

De negentigste verjaardag (1997) van Dresselhuys leek wel een kroonverjaardag van de koningin. Kranten en rtv-rubrieken besteedden er aandacht aan. In 1999 eerde haar geboortestad Tiel haar met een portret. Het kunstwerk kwam te hangen in het uit 1562 daterende Ambtmanshuis, waar Dresselhuys' moeder werd geboren.

Dresselhuys bleef zelf nuchter onder het feit dat ze een instituut was geworden. Tegen De Telegraaf zei ze in januari 1996: "Wat een acteur kan, of kon, is na zijn dood helemaal weg. Nog even blijf je hangen in de herinnering van de mensen die je gezien hebben. Zijn die ook dood, dan ben je voorgoed vergeten. Onze kunst verglijdt zo verschrikkelijk. Het enige dat telt is: kun jij nu, vanavond, de zaal in je handpalmen krijgen. Als dat lukt, is dat toch zo'n heerlijk gevoel. Nog steeds. Heerlijk gewoon."