DEN HAAG - De Nationale Ombudsman stelt een onderzoek in naar het verblijf van niet-criminele jongeren in jeugdgevangenissen. Daarbij gaat het om jongeren die door de kinderrechter voor tijdelijke opvang in een jeugdgevangenis zijn geplaatst, in afwachting van een plek in een behandelinrichting.

Aanleiding voor het onderzoek is een klacht over een meisje van jaar, dat negen maanden heeft moeten wachten op plaatsing in een behandelinrichting. Het onderzoek van de ombudsman is dan ook gericht op de tijd die het duurt alvorens deze groep jongeren in een behandelinrichting geplaatst kunnen worden.

Omstandigheden

Daarnaast onderzoekt de ombudsman ook de omstandigheden waaronder niet-criminele jongeren in een jeugdgevangenis verblijven. Hij bekijkt de mogelijkheden om onderwijs te volgen en om behandeling te krijgen voor psychische problemen. Het onderzoek moet tevens uitwijzen om hoeveel jongeren het precies gaat en hoe in de jeugdgevangenissen wordt omgegaan met het samenplaatsen van deze jongeren met jongeren die strafrechtelijk zijn veroordeeld.

De sector justitiële jeugdinrichtingen van het ministerie van Justitie heeft gesloten opvanginrichtingen (jeugdgevangenissen) en behandelinrichtingen. Een behandelinrichting kan gesloten of open zijn.

Hardnekkige weglopers

De niet-criminele jongeren, zogeheten civielrechtelijke passanten, zijn jongeren onder de 18, die onder toezicht zijn gesteld van een jeugdzorginstelling. Met een machtiging van de kinderrechter voor een crisisplaatsing zijn zij tijdelijk in een jeugdgevangenis geplaatst, in afwachting van plaatsing in een behandelinrichting. Het gaat veelal om jongeren met een ernstige gedragsstoornis of om hardnekkige weglopers.

De ombudsman verwacht komend najaar de resultaten van zijn onderzoek te kunnen presenteren.