WASHINGTON - De Amerikaanse commissie die onderzoek doet naar de aanslagen van 11 september 2001 op New York en Washington heeft zware kritiek geuit op de federale politie (FBI) en minister Ashcroft van Justitie. Zij deed dat in een tussentijdse rapportage die dinsdag verscheen.

Ashcroft zou de bestrijding van terrorisme ten onrechte niet als speerpunt hebben gezien. De commissie vond dat hij zich te veel concentreerde op de bestrijding van drugs en criminaliteit. Op de dag voor de aanslagen wees hij een verzoek van de FBI om meer middelen voor terrorismebestrijding af.

Inlichtingen

Dat Ashcroft niet zat te springen om inlichtingen over terroristische dreiging, blijkt uit een passage in het rapport waarin voormalig FBI-directeur Thomas Pickard wordt geciteerd over zijn briefings aan de minister. Pickard zei dat hij Ashcroft in juni en juli 2001 had voorgelicht over de dreigende terroristische dreiging. Na twee bijeenkomsten waarin Pickard het gevaar van al-Qaeda aan de orde stelde, "zei de minister van Justitie dat hij deze informatie niet nog een keer wilde horen".

Ashcroft ontkende voor de commissie de aantijging van Pickard. "Ik was zeer geïnteresseerd in terrorisme en speciaal binnenlandse bedreigingen", zei hij. De minister bekritiseerde impliciet de regeerperiode van president Clinton. Volgens Ashcroft was de Amerikaanse regering "blind voor zijn vijanden". Bovendien was er voor het aantreden van Bush een gebrek aan samenwerking tussen de veiligheidsdiensten en hadden de instanties jarenlang een tekort aan financiële middelen.

Onvoldoende

De commissie vindt dat de FBI op 11 september 2001 onvoldoende was voorbereid op het tegengaan van terroristische aanslagen. De federale politie had last van een slechte informatiestroom, een gebrek aan personeel en middelen en met een cultuur van bureaucratie.

Volgens het voorlopige rapport, dat naar buiten kwam op het moment dat het onderzoek zich toespitst op de rol van de veiligheidsdiensten, maakten deze problemen een efficiënte, preventieve strategie tegen het terrorisme onmogelijk.

Problemen

De voormalige FBI-directeur Louis Freeh, die dinsdag voor de commissie moest verschijnen, bevestigde dat de FBI problemen had. Hij vertelde dat zijn dienst voor 11/9 verzoeken had gedaan om bijna 1900 vertalers, analisten en agenten te mogen huren om de toenemende dreiging tegemoet te treden, maar dat er maar toestemming voor 76 nieuwe medewerkers kwam. Hij zei dat er niet voldoende geld beschikbaar werd gesteld voor het contracteren van vertalers in Arabisch en Farsi. "Ik zeg dat niet om kritiek op het Congres en het ministerie van Justitie te leveren. Ik wil duidelijk maken dat het geen prioriteit had."

De voorzitter van de commissie, Thomas Kean, was zeer scherp in zijn kritiek op de FBI: "De FBI werkt niet erg goed. Hij heeft al een lange, lange tijd niet goed gewerkt. Dat kunnen we ons in dit land niet permitteren. Wij kunnen ons niet permitteren een FBI te hebben die niet werkt."

Effectief

Freeh, die van 1993 tot 2001 directeur van de FBI was, waarschuwde voor een te snelle veroordeling van de federale politie. "We hadden een effectief programma, gezien de middelen waarover wij beschikten."

De voorganger van Ashcroft, Janet Reno, maakte tijdens haar verhoor duidelijk dat zij daarover andere gedachten heeft. "Toen ik aantrad als minister, ontdekte ik dat de FBI niet wist wat hij had. We vonden spullen in de archieven waaruit bleek dat de rechterhand niet wist wat de linker deed."

Gereorganiseerd

Reno zei dat zij haar opvolger, Ashcroft, had meegedeeld dat het vergaren van inlichtingen over terroristische activiteiten gereorganiseerd moest worden. Zij zei zich niet te herinneren of ze specifiek melding had gemaakt van cellen van al-Qaeda of andere terroristische groeperingen in de Verenigde Staten. Zij had van veiligheidsfunctionarissen wel gehoord dat er van die cellen waren, maar niet waar die zich bevonden.

Reno vertelde dat zij 'een bepaalde mate van frustratie' had gevoeld over de gebrekkige wijze waarop de FBI in eigen huis en daarbuiten informatie met anderen deelde. Zij zei geen enkele wettelijke reden te kennen waarom de FBI inlichtingen over de aankomst van de VS van twee mannen die uiteindelijk '11/9-kapers' werden niet met andere organisaties zou hebben kunnen delen.