WAGENINGEN - De kans op een explosieve groei van het aantal eikenprocessierupsen is het komend voorjaar erg groot. Dat heeft H. Stigter van de Plantenziektenkundige Dienst in Wageningen gezegd. Hij houdt er rekening mee dat de plaag groter zal zijn dan in 1996. In dat jaar was de overlast tot nu toe het ergst.

Stigter wijst erop dat de rupsen zich de afgelopen jaren ook razendsnel hebben verspreid boven de grote rivieren. Aanvankelijk kwamen ze alleen in delen van Noord-Brabant en Limburg voor. Elke rups heeft duizenden brandhaartjes, die kunnen de huid, de ogen en de luchtwegen irriteren. In extreme gevallen kan zelfs blijvend letsel ontstaan. Ook na het verpoppen blijven die haartjes hinder veroorzaken.

De eikenprocessierups komt alleen voor in eikenbomen. De beestjes danken hun naam aan de manier waarop ze zich in de bomen verplaatsten. Dat doen ze in langgerekte collones. De komende weken wordt pas duidelijk hoe omvangrijk de plaag wordt, aldus Stigter. "Als het weer een beetje beter wordt en de eitjes en de eikenbladeren komen op hetzelfde moment uit, moeten we het ergste vrezen.''

De bestrijding van de rups wordt niet vanuit een centraal punt gecoördineerd en dat is een groot probleem, aldus Stigter. Sommige gemeenten doen al het mogelijke om de beesten te verbranden of weg te zuigen, anderen zijn veel terughoudender. Ook in particuliere tuinen blijven veel rupsen zitten.

Vorige week kondigde de provincie Gelderland en enkele gemeenten aan dat ze de komende weken de rupsen gaan bestrijden met Xentari, een biologisch middel. "Dat is goed spul, maar zeker geen wondermiddel'', zegt Stigter. Bovendien doodt het ook allerlei andere insecten. "In een eikenboom leven 450 verschillende soorten. Je loopt het risico dat die ook allemaal worden verdelgd.''

Het is niet bekend hoeveel mensen in het verleden daadwerkelijk last hebben gehad van de brandhaartjes. De meesten gaan er niet mee naar de huisarts. Het aantal mensen dat dit wel doet is nooit geteld.