DEN HAAG - De meerderheid van de Nederlandse bevolking is tegen dierproeven. Maar liefst 67 procent wijst testen op dieren, voor welk doel dan ook, af als de beesten daar ernstig onder lijden. Ruim 82 procent wil dat er meer informatie beschikbaar komt over deze proeven en 78 procent van de bevolking vindt dat de overheid meer geld moet stoppen in de ontwikkeling van alternatieven voor dierproeven.

Dat blijkt uit een onderzoek van Intromart GfK in opdracht van de Dierenbescherming. Het onderzoeksbureau ondervroeg vijfhonderd Nederlanders van 18 jaar en ouder. De helft had ervaring met een chronische en/of levenbedreigende ziekte, de andere helft niet.

Drie factoren spelen bij de acceptatie van dierproeven een doorslaggevende rol: hoe hevig is het lijden van de dieren, voor welke doeleinden wordt de proef uitgevoerd en op welk dier wordt getest. Voor geen enkele dierproef is een meerderheid te vinden als er sprake is van hevig lijden. Slechts 34 procent van de mensen vindt een proef waarbij muizen hevig moeten lijden voor de ontwikkeling van een geneesmiddel toelaatbaar.