ASSEN - Moet een medewerker van de Immigratie en Naturalisatiedienst (IND) beslist een stropdas dragen als hij de minister vertegenwoordigt op de zittingen van de rechtbank? Of zijn een pantalon, een colbert en overhemd voldoende? Over deze vraag buigt donderdag 28 maart de bestuursrechter in Assen.

IND-medewerker J. Gesterkamp weigert vooralsnog een stropdas tijdens de zittingen te dragen. Deze weigering heeft ertoe geleid dat de man niet meer de minister van Justitie mag vertegenwoordigen tijdens de rechtszittingen.

Gesterkamp vindt dit besluit te rigoureus en meent dat hij voldoende netjes gekleed gaat. Daarom heeft hij de kwestie bij de bestuursrechter aangekaart.

"Prins Claus is niet mijn voorbeeld geweest", vertelt de IND-medewerker. Volgens Gesterkamp gaat het deels om het principe en is er bij hem ook sprake van een medische reden. "Ik krijg het erg benauwd, als ik knellende kleding draag."

Tot voor kort wist de man niets van kledingvoorschriften af. Totdat hij in januari 2001 voor het eerst naar een rechtszitting moest. Een hoorcommissie heeft in augustus 2001 pas op papier gezet wat de IND onder representatieve kleding verstaat. Voor de mannen geldt een halsversiering.

"Je mag een neuspiercing of een tatoeage dragen, mits er maar een stropdas om de hals zit", aldus Gesterkamp. Hij neemt de kwestie hoog op en zal tijdens de rechtszitting beslist geen stropdas dragen.