MADRID - Ruim acht miljoen mensen zijn vrijdagavond in heel Spanje de straat opgegaan om de bijna tweehonderd slachtoffers van de aanslagen donderdag in Madrid te herdenken. Alleen in Madrid al namen 2,3 miljoen mensen deel aan de manifestaties. De Spaanse premier Aznar, de socialistische oppositieleider Zapatero en kroonprins Felipe liepen voorop in de betoging.

Leidende politici uit de hele Europese Unie waren naar de Spaanse hoofdstad gekomen. De Unie zelf was vertegenwoordigd door de voorzitter van de Europese commissie, Prodi, buitenlandcoördinator Solana en de Ierse minister van Landbouw, Walsh, namens Ierland als huidig voorzitter van de Unie. Verder meldden zich de twee Spaanse commissarisen De Palacio en Solbes en de Portugese commissaris Vitorino aan.

De Graaf

Onder de prominente politici in Madrid waren verder de regeringsleiders van Frankrijk, Italië en Portugal en de vice-premiers van Groot-Brittannië en Nederland (De Graaf). Ook de ministers van Buitenlandse Zaken uit Duitsland (vice-kanselier Fischer), België, Portugal en Zweden waren naar Madrid gekomen. De NAVO stuurde de plaatsvervanger van secretaris-generaal De Hoop Scheffer, Minuto Rizzo, naar Madrid omdat de Nederlander op bezoek in de Baltische staten is.

Een ruim twee kilometer lange stoet vertrok in de stromende regen van de Plaza de Colón naar het station Atocha, waar donderdag de meeste doden vielen. De betogers riepen leuzen als 'we zaten met zijn allen in die trein' en 'we zijn niet met zijn allen, er ontbreken er 200', aldus de krant El País. In Barcelona gingen naar schatting 1,2 miljoen mensen de straat op, in Sevilla 700.000 en zowel in Zaragoza als Vigo 400.000.

Leuzen

In de Baskische stad San Sebastian verzamelden duizenden mensen zich voor het gemeentehuis. De krant Diario Vasco berichtte in de interneteditie dat de manifestanten leuzen tegen het terrorisme riepen en om vrede vroegen. Enkele jongeren droegen een tekst waarop ze premier Aznar de schuld van de aanslagen gaven.

Ook in tal van steden buiten Spanje zijn de slachtoffers van de aanslagen in Madrid herdacht. In Den Haag kwamen vrijdagavond ongeveer vijfhonderd mensen bijeen bij de Spaanse ambassade aan het Lange Voorhout om hun medeleven te tonen. In de Verenigde Staten was president Bush aanwezig bij een rouwplechtigheid in de residentie van de Spaanse ambassadeur. Bush zei dat Spanje in het standvastige verzet tegen de moorden in Amerika een vriend heeft.

199e dode

Een zeven maanden oude baby overleed vrijdag in een Madrileens ziekenhuis aan haar verwondingen. Het meisje Patricia was de 199e dode als gevolg van de bomaanslagen, zo berichtten Spaanse media. Van de ruim 1400 gewonden liggen er nog ruim vierhonderd in ziekenhuizen. Voor het leven van enkele tientallen mensen wordt gevreesd omdat ze in "extreem ernstige toestand" verkeren.
De stoffelijke resten van ongeveer 140 mensen zijn geïdentificeerd. Bij die slachtoffers gaat het voornamelijk om Spanjaarden. Onder de 24 geïdentificeerde buitenlanders zijn zeker negen Europeanen (een Française, drie Polen, vier Roemenen en een Bulgaar), dertien Latijns-Amerikanen en twee Afrikanen.

De identificatie verloopt mede moeizaam omdat de metropool Madrid veel illegale buitenlanders als werkkrachten heeft. Aznar heeft uit solidariteit bepaald dat overlevende slachtoffers van de aanslagen die illegaal in Spanje verblijven, samen met hun naaste familie de Spaanse nationaliteit mogen krijgen.