GRONINGEN - De rechtbank in Groningen heeft vrijdag de 38-jarige K.J. uit Veendam veroordeeld tot acht jaar celstraf en tbs met dwangverpleging voor de zogenoemde badkuipmoord. Slachtoffer was de 14-jarige Varscha Mohansingh die 23 september 2002 dood werd aangetroffen in de badkamer van haar ouderlijk huis in Wildervank.

Varscha Mohansingh bleek door geweld om het leven te zijn gekomen. Na een onderzoek van enkele maanden hield de politie J., een huisvriend van de familie, aan. De rechtbank acht nu bewezen dat de veroordeelde het meisje wurgde.

Het Openbaar Ministerie (OM) had twee weken geleden wegens doodslag twaalf jaar cel en tbs geëist. De verdediging heeft direct hoger beroep aangekondigd. Het politieonderzoek zou veel losse eindjes kennen. Tijdens de zitting werd door de politie onder meer erkend dat niet al het aangetroffen bewijsmateriaal is onderzocht. Bovendien zou de rechtbank door de verdediging aangedragen bezwaren rondom de bewijzen de waarde van DNA-sporen in het vonnis niet juist hebben geïnterpreteerd.

Onvruchtbaarheid

Het OM had om een zware straf gevraagd, mede omdat ze de kans op herhaling groot acht. Uit onderzoek bleek dat J. narcistische trekken heeft. Zijn onvruchtbaarheid zou er toe hebben geleid dat hij een overdreven vadergevoel voor andermans kinderen ontwikkelde. Toen Varscha zijn 'ouderlijk' gezag afwees, is hij wellicht tot de fatale daad gekomen.

Advocaat H. Klopstra stelde tijdens twee zittingsdagen dat de bewijslast op dubieuze wijze werd verkregen. Zijn voorstel om nogmaals naar de gang van zaken tijdens de verhoren te laten kijken, werd niet gehonoreerd. De verdachte liep een krasje in de huid op, toen een rechercheur zijn nagels er overheen haalde. De politieman wilde tonen hoe DNA van de verdachte op de nagels van het slachtoffer terechtkwam. Bovendien werd J. uitgescholden en beledigd. In het vonnis stelde de rechter dat zijn belangen daardoor niet zijn geschaad.