PARIJS - Artsen zonder Grenzen (AzG) vreest voor het leven van de Nederlandse medewerker Arjan Erkel, die in augustus in het Russische Dagestan is ontvoerd. De voorzitter van de internationale organisatie verwijt Dagestaanse en Russische functionarissen in de affaire verwikkeld te zijn.

Voorzitter Bradol verklaarde dinsdag dat zijn organisatie besloten heeft het stilzwijgen te doorbreken omdat AzG uiterst ongerust is over ,,het overleven van Arjan''. Erkel kampt met een longinfectie en is bedreigd met executie, is van bronnen bij de organisatie vernomen.

Om het leven van Erkel niet in gevaar te brengen, benaderde AzG de ontvoering negentien maanden lang met pragmatisme, aldus Bradol. Hij wijst erop dat tot medio december tussenpersonen bemiddelden. Toen deze bemiddelaars zich terugtrokken, is het contact met de ontvoerders verbroken.

Het is onduidelijk wie het onderzoek naar de ontvoering uitvoert, laakt de AzG-directeur de huidige situatie. De belangrijkste gesprekspartner, de Dagestaanse hoofdonderzoeker Temirboelatov, is eind december gearresteerd.

De familie van Arjan Erkel benadrukte dinsdag juist dat stilte in deze zaak de beste strategie is. Omwille van het onderzoek en de vrijlating van Erkel zegt de familie dat zij niet de positie heeft om informatie te geven of om over te gaan tot publieke actie.

Arjan Erkel leidde de Zwitserse AzG-missie in Dagestan, toen hij op 12 augustus 2002 door onbekenden werd ontvoerd in de Russische Kaukasusrepubliek die aan het rumoerige Tsjetsjenië grenst. Erkel hield zich voornamelijk bezig met de opvang van Tsjetsjeense vluchtelingen.