NOORDWIJK - De onlangs op aarde teruggekeerde ESA-astronaut André Kuipers waarschuwt de Nederlandse politiek dat er niet te veel bezuinigd moet worden op de kenniseconomie.

"Als de budgetten zoals nu ter discussie staan en we te veel gaan bezuinigen op de ruimtevaart, gaat Nederland daar zelf de brokken van krijgen", zegt Kuipers, die momenteel herstelt van zijn expeditie naar het International Space Station (ISS), in gesprek met NU.nl.

Hij vreest een technologische achterstand als er fors in de budgetten voor de wetenschap en de ruimtevaart wordt gesneden. Dit jaar gaat er nog bijna 100 miljoen euro naar het Europees ruimtevaartprogramma; in 2015 is dat nog 63 miljoen. Verdere bezuinigingen werden onlangs teruggedraaid door een Kamermeerderheid.

"Het geld dat naar de ruimtevaart gaat is innovatiegeld. En als je mee wilt blijven draaien in de vaart der volkeren en qua high-tech vooraan wil blijven staan, dan zal je moeten investeren in nieuwe ontwikkelingen en bedrijven die daar mee bezig zijn."

De geboren Amsterdammer landde na een missie van een half jaar op 1 juli in Kazachstan en was de afgelopen dagen kort in Nederland na enkele weken herstel in het Amerikaanse Houston. De komende dagen voert hij in Moskou nabesprekingen.

Dek schrobben

Kuipers is blij dat hij zijn bijdrage levert aan de toekomst van de ruimtevaart, zoals eventuele reizen naar Mars. "Dat is een heel langzaam proces, maar op een gegeven moment zijn we er. Ik voel me als een bemanningslid van een schip op ontdekkingsreis. Je schrobt desnoods het dek, maar je maakt er deel vanuit. Het is fantastisch om in een team te werken binnen de ESA en met de ESA samen te werken met de partners van het ISS. Gewoon een stukje van de toekomst zijn, dat is leuk."

Hij verwacht zelf niet meer terug te keren in het ISS. Wel hoopt hij met de aandacht die zijn verblijf in het ruimtestation kreeg het besef gestimuleerd te hebben dat Nederland deel uitmaakt van een belangrijk project voor de wetenschap en de mensheid.

"Nederland is maar een heel klein landje in Europa. De meeste landen in Europa zitten in de ESA. We hebben verplichtingen en moeten onze bijdrage leveren. Dat geld is ook niet weggegooid, dat gaat terug naar Nederlandse bedrijven."

Achterop

Kuipers voelt mee met de Nederlandse ruimtevaartindustrie, die niet vrolijk wordt van mogelijke verdere bezuinigingen. "De industrie krijgt minder geld voor nieuwe ontwikkelingen en daardoor raken we achterop. Ik snap dat bezuinigingen over het hele front nodig zijn", zegt hij. "Maar als je gaat bezuinigen op je inkomsten voor de toekomst, dan gaat het niet goed. Dan heb je in de toekomst ook niets."

"Bovendien gaat het om niet al te hoge bedragen, als je het vergelijkt met de bedragen die omgaan in andere sectoren. Ik ben blij dat het besef een beetje doordringt dat je op dingen waarmee wij in de toekomst geld moeten verdienen nou juist niet moet bezuinigen. Dan heb ik het dus over innovatie, technologie, high-tech. Ik ben blij dat heel veel partijen dat inzien."

Zichtbaarheid

De Nederlandse bedrijven die bij de internationale ruimtevaart betrokken zijn, waren over het algemeen blij met de aanwezigheid van Kuipers in het ISS. "Je maakt het zichtbaar. En er komt ook veel meer naar buiten over wat er allemaal gebeurt in het ruimtestation en wat we daar aan hebben. Daarmee wordt duidelijk dat je die expertise niet overboord moet gooien."

"Dat geldt overigens niet alleen voor ruimtevaart. Voor Nederland is het van levensbelang dat high-tech bedrijven gestimuleerd worden. Daar moeten we het van hebben. Wat betreft andere industrieën zijn we maar een kleine speler. We moeten het hebben van onze kenniseconomie. En wat betekent dat? Dat je moet investeren in onderwijs en in nieuwe technologieën. Dat doen we onder andere met ruimtevaart."

Zorgen om de aarde

Astronauten die na een ruimtereis terugkeren op aarde, waarschuwen door hun langdurige uitzicht op de gehele planeet vaak dat de mens er voorzichtig op moet zijn. Kuipers verbond zich na zijn eerste missie in 2004 al als ambassadeur aan het Wereld Natuur Fonds. Na zijn laatste missie van een half jaar heeft hij nog meer zicht gekregen op de problemen waarmee de aarde kampt.

"Het is heel beperkt", zegt Kuipers. "De dampkring is heel dun, de oerwouden zijn maar een klein vlekje waar je zo overheen vliegt. Je ziet vervuiling en het is maar één kwetsbaar planeetje dat we hebben."

"Al die lichtjes 's nachts, het is een mooi gezicht, maar je ziet wel dat mensheid maar oprukt en oprukt. We zijn met heel veel, terwijl die planeet niet echt groter wordt", benadrukt Kuipers. "Dat zijn dingen die je vanuit het ISS goed ziet en voelt. Het is een ander perspectief dan vanaf de grond. Als je daar één van die lichtjes bent heb je geen besef hoe massaal het is, dus dat is iets dat je als astronaut kan uitdragen en duidelijk kan maken en dat probeer ik dan ook."