GRONINGEN - De 38-jarige K.J., de verdachte in de zogenoemde badkuipmoord, had donderdag weinig antwoorden op concrete vragen van zijn rechters. Dat bleek op de eerste dag van de tweedaagse behandeling van de zaak voor de rechtbank in Groningen. J. wordt moord ten laste gelegd.

Het 14-jarige slachtoffer, Varscha Mohansingh, werd 23 september dood gevonden in het bad in haar ouderlijke woning in Wildervank. Sectie wees uit dat ze door geweld om het leven was gekomen.

Ondanks de zware bewijslast ontkent J. alle betrokkenheid bij de dood van het meisje. Hoewel op verschillende plekken rondom de plaats van het misdrijf DNA van de man is aangetroffen, houdt hij vol niks met de moord te maken te hebben.

De verdachte zei eerder dat het meisje van de trap gevallen zou zijn waarna hij haar in paniek in de badkuip zou hebben gelegd. Donderdag stelde J. dit te hebben gezegd uit angst voor politiemensen en rechercheurs.

Voor aanvang van de zitting ontstond enig rumoer over de aanwezigheid van het 12-jarig zusje van het slachtoffer. Minderjarigen mogen tijdens een zitting niet aanwezig zijn, maar de rechter liet het oogluikend toe omdat de ouders anders zouden opstappen.