DEN HAAG - Premier Balkenende heeft prins Bernhard de ruimte gegeven om eenmaal zijn verhaal te zetten tegenover alle berichten die over hem in omloop zijn. “Als hij op deze leeftijd de behoefte voelt om een keer gezegd te hebben hoe het volgens hem allemaal zit, moet hij daarvoor de mogelijkheid krijgen”, verklaart de woordvoerder van de premier.

Balkenende neemt de ministeriële verantwoordelijkheid voor de beslissing om de 92-jarige prins Bernhard die ruimte te gunnen. Over de inhoud van de open brief heeft de premier geen mening.

PvdA kan leven met brief Bernhard

De PvdA reageert met begrip op de open brief van prins Bernhard in de Volkskrant. “Ik kan er wel mee leven,” zei PvdA-Kamerlid Kalsbeek. “Ik heb er niet zoveel problemen mee.”Ze gaat er vanuit dat het onderzoek van Van der Voet gedegen is geweest. “Dat is een man van onbesproken gedrag. Ik heb op voorhand geen reden te twijfelen aan de uitkomsten.”

D66 juicht stap Bernhard toe

D66 juicht de open brief van prins Bernhard toe. “De prins hoeft van zijn hart geen moordkuil te maken”, vindt D66-fractievoorzitter Dittrich. Hij zegt dat de stap van de prins past binnen “modern koningschap”. Leden van het Koninklijk Huis zouden volgens hem meer armslag moeten krijgen om te reageren op berichten in de media.

Dittrich voegt er wel aan toe dat het Koninklijk Huis niet op alles moet reageren om geen speelbal van de pers te worden. Maar prins Bernhard had wel alle reden om een weerwoord te geven. Met de ministeriële verantwoordelijkheid is geen probleem, omdat de prins heeft overlegd met premier Balkenende.

Dittrichs partijgenoot en vice-premier De Graaf toonde in het TROS-radioprogramma Kamerbreed ook begrip voor de hartenkreet van de prins. “Daar is niks op tegen. Hij heeft de laatste tijd nogal wat 'faction' over zich heengekregen.” Faction is een mengeling van fictie en feiten.

Minderjarig

Groenlinks terughoudend GroenLinks reageert terughoudend en vindt dat de politiek nu niet aan zet is. Fractieleider Halsema neemt de brief van Bernhard voor lief, laat ze via een woordvoerder weten. “Het is zijn eigen keuze.”

Koekkoek: niet verstandig, wel begrijpelijk

De open brief van prins Bernhard is “niet verstandig, maar wel begrijpelijk”, zei Alis Koekkoek, hoogleraar staatsrecht aan de Universiteit van Tilburg, zaterdag.

Hij voorziet geen grote problemen met de ministeriële verantwoordelijkheid. “Ook de prins heeft een vrijheid van meningsuiting. De ministeriële verantwoordelijkheid speelt pas als het openbaar belang in het geding is, bijvoorbeeld als het aanzien van de monarchie wordt geschaad.'' Koekkoek denkt niet dat dit laatste het geval is.

Koekkoek noemt de actie van de prins niet verstandig omdat er op deze manier weer rumoer ontstaat over netelige onderwerpen. “Dit bevordert niet de rust rond deze kwesties”, verwacht de hoogleraar, omdat de auteurs die Bernhard aanklaagt zich zullen gaan verweren.

Uitvoerig historisch onderzoek

Koekkoek vindt het begrijpelijk dat de prins gezien zijn leeftijd “naar zijn gevoel schoon schip wil maken”, maar het ware beter geweest om “uitvoerig historisch onderzoek” te laten doen naar de door Bernhard genoemde affaires. Daarbij zou volgens de hoogleraar een erkend, gerespecteerd historicus zich moeten buigen over de materie op basis van controleerbare bronnen. De studie van voormalig RVD-chef Van der Voet voldoet niet aan die eisen.

Leden van het Koninklijk Huis kunnen volgens Koekkoek gewoon naar de rechter stappen om leugens in de media te bestrijden. Hij wijst op wijlen prins Claus die met succes de roddelpers aanpakte.

Auteur Ross: mijn bronnen deugen

”Ik heb bewijzen en bronnen voor mijn beschuldigingen”, reageert auteur Tomas Ross zaterdag op de beschuldigingen van prins Bernhard. De schrijver noemt de open brief van de prins, waarin hij ondere andere Ross beschuldigd van het berichten van onwaarheden over hem en zijn moeder, mosterd na de maaltijd.

Als de prins bezwaren tegen publicaties heeft, had hij eerder actie kunnen ondernemen en naar de rechter kunnen stappen, zei Ross zaterdag in het Radio-1-journaal. Ross zei dat de Rijksvoorlichtingsdienst in het verleden heeft gereageerd op zijn boek ‘Omwille van de troon’, maar recentelijk niets meer van zich heeft laten horen.