RIJSWIJK - De Nederlandse mariniers in Irak hebben volgens de baas van het Openbaar Ministerie, J. de Wijkerslooth, wel degelijk een duidelijke geweldsinstructie. Daarom snapt hij niet waarom sommige militaire bonden zich erover beklagen dat deze onduidelijk zou zijn. De bonden deden dat, nadat een 43-jarige Nederlandse marinier in Irak is aangehouden. De marinier zou in strijd met de geweldsinstructie een Irakese man hebben doodgeschoten.

De Wijkerslooth zei maandagavond in het televisieprogramma NOVA te betwijfelen of de betrokken militair zich aan de geldende geweldsinstructie heeft gehouden. "Er is een redelijk vermoeden van schuld", herhaalde hij de visie van het parket in Arnhem dat verantwoordelijk is voor het onderzoek naar het schietincident.

Noodsituatie

Volgens justitie schoot de marinier de Irakees zaterdag 27 december in de rug in de buurt van As Samawah in het zuiden van Irak. De militair zou dat hebben gedaan van grote afstand, zodat er geen sprake lijkt te zijn van een noodsituatie. De Nederlandse mariniers waren ingeschakeld om een groep Irakese plunderaars uiteen te jagen.

De verdachte militair is 31 december in Irak aangehouden op verdenking van moord. Hij werd op nieuwjaarsdag naar Nederland overgebracht. Daar zit hij inmiddels vast bij de Koninklijke Marechaussee in Soesterberg.

De Wijkerslooth

De Wijkerslooth zei dat de verdachte marinier twee keer zou hebben geschoten. Hoewel het lichaam van de gedode Irakees niet is onderzocht, meent hij dat er toch voldoende informatie voor handen is voor de verdenking van moord, doodslag of dood door schuld. De Wijkerslooth gaf aan dat er getuigenverklaringen over het fatale incident zijn.

De marinier wordt dinsdag aan de rechter-commissaris in Arnhem voorgeleid. Daar zal het OM vragen om hem langer vast te mogen houden. Het onderzoek is nog in volle gang.