AMSTERDAM - Nederland heeft van alle landen van de Europese Unie de hoogste babysterfte. Van de duizend baby's sterven er 7,4 voor de geboorte. Dat blijkt uit het onderzoek Peristat, dat in opdracht van de EU is verricht.

Duitsland kent een foetussterfte van 3,5 op de duizend, Zweden ,9 en België 4,5. Ook in de eerste maand na de geboorte overlijden in Nederland relatief veel zuigelingen. De sterfte als gevolg van een te laag geboortegewicht (minder dan 2500 gram) ligt boven het gemiddelde. De resultaten van het onderzoek zijn donderdag verschenen in het tijdschrift European Journal of Obstetrics and Gynaecology and Reproductive Biology.

Onderzoekers schrijven de slechte cijfers toe aan het feit dat in Nederland minder wordt gescreend op aangeboren afwijkingen. Om die reden worden er minder zwangerschappen afgebroken. Ruim een kwart van de sterfte rond de geboorte is een gevolg van aangeboren afwijkingen.

Nederland telt relatief veel oudere aanstaande moeders: een op de vijf is 35 jaar of ouder bij de geboorte van hun kind. Alleen Spanje en Ierland hebben een hoger percentage. Verder is het percentage meerlingen in Nederland op twee na het hoogst. Ook heeft Nederland veel allochtone moeders, een groep met hogere babysterfte rond de geboorte.

De onderzoekers menen dat de Nederlandse traditie om thuis te bevallen (nu: een op de drie) geen verklaring biedt. Mogelijk zal het sterftecijfer iets verbeteren nu kinderen in stuitligging vaker met de keizersnede worden geboren, veronderstellen de onderzoekers. In het buitenland is dat al langer het geval.