DEN HAAG - De Nederlandse Staat verzet zich tegen het verzoek van de advocaten van prinses Margarita en haar man om onder anderen prins Bernhard en de vader van Margarita, Carel Hugo de Bourbon de Parme, bij de rechtbank in Den Haag onder ede te horen. Dat moet volgens de raadslieden van het paar gebeuren in een zogenoemd voorlopig getuigenverhoor.

Volgens Eef Brouwers, directeur-generaal van de Rijksvoorlichtingsdienst, heeft de landsadvocaat inmiddels een verweerschrift bij de rechtbank in Den Haag ingediend. De rechtbank moet nu een datum gaan bepalen om dit verweer te gaan behandelen.

Door de ondervragingen willen de raadslieden B. Böhler en V. Koppe bewijs verzamelen dat de Nederlandse Staat onrechtmatig tegen Margarita en haar man, Edwin de Roy van Zuydewijn, heeft gehandeld. Brouwers stelt namens de landsadvocaat dat het verzoekschrift geen enkele feitelijke onderbouwing heeft. "Ook op vragen naar die onderbouwing, is die motivatie niet gekregen", verduidelijkt hij.

"De zaak is uitgebreid in het parlement behandeld en de Staat ziet dan ook geen enkele reden om in te gaan op het verzoek de getuigen te horen."