BOLZANO - Het Beierse echtpaar Helmut en Erika Simon eist een vindersloon van 150.000 tot 250.000 euro voor de vondst van het wereldberoemde gletsjerlijk Ötzi. De rechtbank in Bolzano erkende het paar vorige week officieel als de vinders.

Hun advocaat Gerhart Gostner heeft woensdag gezegd dat zij met een dergelijke vergoeding genoegen nemen als het buiten de rechter om tot overeenstemming komt met de regering van Zuid-Tirol. Komt het niet tot een dergelijke akkoord, dan stappen de Simons wel naar de rechter. Zij willen dan een vergoeding op basis van de wetsbepaling dat vinders van belangrijke archeologische werken recht hebben op een kwart van de waarde of een evenredig deel van de vondst.

Miljoenen euro's

De advocaat zei dat het een 'fascinerende taak' zou zijn om de waarde van Ötzi, die meer dan 5300 jaar overleed, te moeten vaststellen. De regering van Zuid-Tirol zegt dat Ötzi geen materiële waarde heeft, maar zeker één deskundige is van mening dat het gletsjerlijk miljoenen euro's waard is omdat het tot het werelderfgoed behoort.

De provinciale regering van Zuid-Tirol heeft het Beierse echtpaar laten weten dat ze bereid is een beloning van 50.000 euro te geven. Volgens een woordvoerder hebben de twee daarop nog steeds niet gereageerd.

De Simons vonden Ötzi toen zij in september 1991 tijdens een wandeling in de bergen van het pad waren afgeraakt. In Bolzano is speciaal voor Ötzi een museum gebouwd dat jaarlijks honderdduizenden bezoekers trekt, aldus de advocaat van de Simons. Hij vindt daarom dat de Simons een zescijferig eurobedrag moeten krijgen.