STRASBOURG - Het Europees Hof voor de Mensenrechten heeft donderdag Turkije veroordeeld wegens het martelen of mishandelen van een groep advocaten in 1993. Zestien Turkse advocaten hadden bij het Hof een klacht ingediend wegens hun arrestatie en de manier waarop zij tijdens hun detentie waren behandeld.

De raadsmannen waren in 1993 opgepakt omdat zij volgens de autoriteiten verdacht werden van betrokkenheid bij 'criminele activiteiten' en steun zouden geven aan de verboden Koerdische PKK partij.

Het Europees Hof oordeelde donderdag dat verscheidene advocaten uit de groep van zestien waren gemarteld tijdens hun detentie en anderen op een "onmenselijke en vernederende" wijze waren behandeld. De arrestatie vormde ook een inbreuk op hun recht op "vrijheid en veiligheid", dat gegarandeert wordt door artikel van de Europese Conventie voor de Rechten van de Mens.

Ankara moet aan de advocaten schadevergoedingen betalen van tussen de 1210 en 1750 euro voor geleden materiële schade, en tussen de 2100 en 36.000 euro voor morele schade.