JAKARTA - De Indonesische president Megawati Soekarnoputri brengt volgende maand een bezoek aan de onrustige provincie Atjeh. Dit heeft de gouverneur van Atjeh, Abdullah Puteh, woensdag gezegd na een onderhoud met Megawati. Hij heeft de president gevraagd van 21 tot en met 23 december naar Atjeh te komen, meldde de krant The Jakarta Post.

Megawati zou bereid zijn amnestie te verlenen aan ongeveer 2000 rebellen van de Beweging Vrij Atjeh (GAM), die gevangen genomen zijn of die zich hebben overgegeven. De regering wil volgens Abdullah de aanklachten wegens verraad tegen de rebellen intrekken. Zij zouden in ruil daarvoor trouw moeten beloven aan de republiek Indonesië.

Congres

Tijdens haar bezoek zal Megawati een congres voorzitten waaraan moslimgeestelijken deelnemen. Ook zal zij een aantal ontwikkelingsprojecten bezoeken.

In Atjeh geldt sinds 19 mei de staat van beleg, nadat een tussen de Indonesische regering en de GAM-rebellen afgesproken staakt-het-vuren was mislukt. Indonesische troepen begonnen toen een groot offensief tegen de rebelln. Vorige week besloot de Indonesische regering de staat van beleg zes maanden te verlengen.

Leger

Minister van Veiligheidszaken Susilo Bambang Yudhoyono erkende dat het leger er niet in was geslaagd in de geplande zes maanden de rebellen van de Beweging Vrij Atjeh (GAM) te onderdrukken.

Sinds de militaire operatie in mei begon zijn al zeker 1300 mensen omgekomen in de provincie in het noorden van Sumatra. De slachtoffers zijn vooral leden van de GAM, aldus het Indonesische leger. Zeker negenhonderd aanhangers van deze groepering zouden zijn gearresteerd.

In Atjeh zijn circa 40.000 militairen en agenten op dit ogenblik actief tegenover ongeveer 5000 rebellen. Mensenrechtenorganisaties beschuldigen het leger ervan op grote schaal de mensenrechten te schenden. De GAM vecht al 27 jaar voor onafhankelijkheid.

Onafhankelijke berichtgeving uit het gebied is spaarzaam. De militairen hebben journalisten en non-gouvernementele organisaties beperkingen opgelegd. Daardoor kunnen beweringen van leger en opstandelingen niet onafhankelijk worden geverifieerd.