COLOMBO - De Srilankaanse president Chandrika Kumaratunga heeft woensdag de noodtoestand afgekondigd. De maatregel volgt een dag na de crisis die dinsdag ontstond nadat zij drie ministers ontsloeg en het parlement voor drie weken naar huis stuurde.

Het was voor het eerst dat de president gebruik heeft gemaakt van haar constitutioneel recht om in te grijpen in de regering. Haar motieven om juist die drie ministers, van Defensie, Binnenlandse Zaken en Informatie, te ontslaan zijn niet volledig duidelijk.

De Srilankaanse premier Wickramasinghe beschuldigde dinsdag president Kumaratunga ervan Sri Lanka "in chaos en anarchie" te storten. De premier was dinsdag niet in Sri Lanka maar bracht een bezoek aan de Verenigde Staten. Daar had hij met president Bush een onderhoud over de voortgang van de vredesbesprekingen met de Tamil-rebellen.

De premier en president Kumaratunga, afkomstig uit twee rivaliserende politieke partijen, verkeren al jaren op voet van oorlog met elkaar. Volgens Kamaratunga geeft de regering van Wickramasinghe te veel toe aan de eisen van de rebellen. Ze verwierp dinsdag een vredesvoorstel van de Tamil-rebellen (LTTE) terwijl de premier er enkele dagen eerder nog positief op had gereageerd.

Het staakt-het-vuren tussen de Srilankaanse overheid en de Tamil-rebellen (LTTE) zal wel standhouden, zo verzekerde een presidentieel adviseur woensdag. "De president heeft mij met nadruk gevraagd om mee te delen dat het staakt-het-vuren overeind staat en zal standhouden. Daar is geen twijfel over", aldus de zegsman. "De president is niet van plan om de vijandelijkheden te hervatten."