DEN HAAG - Het carpoolen is de afgelopen jaren fors afgenomen. In 1995 was 14 procent van alle auto's in het woon-werkverkeer een carpoolauto, in 2002 was dat nog maar 8 procent. Een daling met 30 procent. Het aantal carpoolers nam in acht jaar tijd met 27 procent af. Vorig jaar telde Nederland .000 mensen die aan carpoolen deden, aldus cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

In 2002 reden op een gemiddelde doordeweekse werkdag ongeveer ,8 miljoen personenauto's tussen huis en werk, 23 procent meer dan in 1995. In bijna negen van de tien auto's zat alleen de bestuurder. Volgens het CBS blijkt daaruit dat steeds meer mensen alleen op weg gaan. Een op de dertien auto's was een carpoolwagen, waarin een half miljoen mensen onderweg waren.

Overigens zijn de meeste bestuurders van carpoolauto's van het mannelijk geslacht: in bijna driekwart van deze wagens zat een man achter het stuur en in 37 procent van de gevallen had de carpoolauto een vrouwelijke passagier. De meeste carpoolers hebben een baan van 30 uur of meer per week.