ISTANBUL - De meeste Europeanen vinden religie belangrijker dan politiek en beschouwen zichzelf als religieus. Maar de officiële leer van kerken is niet meer bepalend voor hun morele gedrag. De meerderheid laat zich bij ethiek leiden door het eigen geweten, waarbij omstandigheden en niet langer principes een cruciale rol spelen.

Dat blijkt uit de jongste uitkomsten van de zogeheten Europese Waardenstudies, waaraan sinds 1978 tienduizenden mensen in Europa hebben deelgenomen. De Belgische godsdienstsocioloog J. Kerkhofs presenteerde de resultaten vrijdag in de Turkse stad Istanbul tijdens de tweedaagse dialoog tussen de Orthodoxe Kerk en de Europese Volkspartij/Europese Democraten (EVP/ED).

Geen secularisatie

Het belang van religie is tussen 1990 en 1999 iets afgenomen in West-Europa, maar juist toegenomen in het zuiden, oosten en noorden van Europa. Dat is volgens Kerkhofs in tegenspraak met de veelgehoorde opvatting dat de secularisatie geleidelijk steeds verder in de samenleving doordringt, waardoor religie op termijn mogelijk zou verdwijnen.

Ongeveer 77 procent van de Europeanen zegt in God te geloven. Maar dat is een ‘anonieme God’, aldus Kerkhofs, oud-hoogleraar theologie en sociologie aan de Katholieke Universiteit in Leuven. Ongeveer 41 procent gelooft in een persoonlijke God en 33 procent in een levenskracht. In Nederland gelooft 61 procent in God en 39 procent niet. Volgens 23 procent is er sprake van een persoonlijke God, aldus de studie.

Uitdaging

De grote verandering in de morele mentaliteit in Europa is volgens Kerkhofs een uitdaging voor kerken en politici. Een toenemend aantal mensen aanvaardt abortus, euthanasie, homoseksualiteit en echtscheiding. Kerken kunnen uit de crisis komen door in te gaan op de diepere betekenis van het leven, waar velen naar vragen, zei Kerkhofs.

Respect

Politici en kerkleiders in Europa moeten er volgens hem de komende decennia voor zorgen dat aanhangers van verschillende godsdiensten vreedzaam kunnen samenleven. Wat dan telt, is respect voor elke religie en voor mensenrechten. De manier waarop Turkije mogelijk deel gaat uitmaken van de Europese Unie kan daarbij als een maatstaf dienen, aldus Kerkhofs.

Maar voordat dat land lid van de EU kan worden, moet er volgens hem nog wel het een en ander veranderen. Volgens het onderzoek zijn Turken voorstander van democratie, maar lijkt een grote meerderheid een nogal gesloten samenleving te verdedigen waar religie (de islam) een doorslaggevende rol speelt. Dat laatste blijkt ook uit de negatieve houding ten opzichte van christenen en in mindere mate joden, aldus Kerkhofs.