STOCKHOLM - De Nobelprijs voor Natuurkunde is dit jaar toegekend aan de Amerikaan Alexej Abrikosov, de Rus Vitali Ginzburg en de Brit Anthony Leggett. Dat heeft de Koninklijke Zweedse Academie van Wetenschappen dinsdag in Stockholm bekendgemaakt.

Het drietal wordt onderscheiden voor hun baanbrekende onderzoek naar supergeleiders. Supergeleidend materiaal wordt onder meer gebruikt in camera's voor medisch onderzoek en deeltjesversnellers.

Abrikosov (1928) en Ginzburg (1916) zijn geboren in Rusland, Abrikosov en Leggett (1938) hebben in de Verenigde Staten wetenschappelijk carrière gemaakt.

De laatste keer dat Nederlandse wetenschappers de Nobelprijs voor de Natuurkunde wonnen was in , toen Gerard 't Hooft en Tiny Veltman werden onderscheiden. Aan de prijs is een bedrag verbonden van 1,1 miljoen euro. De onderzoekers moeten dat bedrag delen.