GROZNY - De inwoners van Tsjetsjenië konden zondag naar de stembus om een nieuwe president te kiezen. Het waren de eerste presidentsverkiezingen sinds de Russische troepen vier jaar geleden de republiek binnenvielen. Ondanks aanwijzingen dat Tsjetsjeense rebellen de kiesgang zouden proberen te verstoren, zijn er geen incidenten gemeld. Volgens verkiezingsfunctionarissen ligt de opkomst dicht bij de 70 procent.

De verkiezingen zijn al met een opkomst van 30 procent geldig. Ruim 560.000 Tsjetsjenen en tienduizenden Russische militairen die in de republiek zijn gelegerd konden hun stem uitbrengen. De uitkomst van de verkiezing staat volgens waarnemers al vast. De belangrijkste rivalen van de huidige pro-Russische bestuurder en presidentskandidaat Ahmad Kadyrov hadden zich, waarschijnlijk onder druk van het Kremlin, uit de race teruggetrokken of mochten niet meedoen.

Kadyrov zei zaterdag dat hij “nooit een marionnet van de Russische president Poetin of van wie dan ook is geweest”. Hij heeft beloofd dat hij, als hij eenmaal in functie is, een commissie zal instellen die alle gevallen van “verdwijningen en andere misdaden die gepleegd zijn op onze grond sinds 1991 zal onderzoeken”.

Volgens mensenrechtengroeperingen maken Russische troepen in Tsjetsjenië zich regelmatig schuldig aan oorlogsmisdaden. Ook rebellengroeperingen vermoorden en ontvoeren burgers. Volgens officiële tellingen zijn alleen al in 2002 1132 burgers vermoord. In de eerste drie maanden van dit jaar zijn 76 mensen vermoord en ontvoerd.

Moskou beschouwt de verkiezingen als een stap in de richting van de ‘normalisatie’ van de situatie. Volgend jaar zijn er in Rusland presidentsverkiezingen. President Poetin, die als premier in 1999 naam maakte door troepen naar Tsjetsjenië te sturen, wil tegen die tijd de zaken in de republiek op orde hebben.

Critici zeggen dat er nog dagelijks wordt gevochten in de republiek. Zij noemen de kiesgang een zinloze vertoning, omdat Kadyrov geen serieuze tegenkandidaten had en er geen internationale waarnemers waren.