JERUZALEM - Als reactie op een Palestijnse zelfmoordaanslag hebben Israëlische strijdkrachten in de nacht van zaterdag op zondag een kamp in Syrië aangevallen. Volgens een Israëlische legerwoordvoerder ging het om een trainingskamp van de militante Palestijnse organisaties Islamitische Jihad en Hamas. Volgens Palestijnse bronnen was het kamp al een jaar verlaten en woonden er vluchtelingen.

Het kamp ligt op circa 20 kilometer ten noordwesten van de Syrische hoofdstad Damascus. Het was voor het eerst sinds de oorlog van 1973 dat Israël een doel aanviel dat zo diep in Syrisch territorium ligt.

Volgens Israël werd het kamp gebruikt door de militante Islamitische Jihad, die zegt verantwoordelijk te zijn voor de aanslag van zaterdag. Die kostte aan negentien mensen het leven. Ook zouden Libanese terroristen er een opleiding volgen.

Een woordvoerder van het Volksfront voor de bevrijding van Palestina (PFLP) zei dat de Israëlische luchtmacht met vier raketten een voormalig trainingskamp van de linkse organisatie hadden gebombardeerd. Er zouden nu Palestijnse vluchtelingen wonen. Door de aanval zouden meerdere gewonden zijn gevallen.

Een woordvoerder van de Islamitische Jihad sprak zondag vanuit het Libanese Beiroet tegen dat de beweging strijders in Syrië heeft.

Syrië heeft de Israëlische aanval ‘ernstige escalatie’ genoemd. Volgens minister van Buitenlandse Zaken Faruq al-Shara raakten Israëlische raketten een burgergebied.

Verenigde Naties

Syrië heeft secretaris-generaal Kofi Annan van de Verenigde Naties om een spoedzitting van de Veiligheidsraad gevraagd. Het Arabische land is momenteel een van de tien leden van de Veiligheidsraad zonder veto-recht.

In een boodschap aan Annan beschreef al-Shara de aanval als een ”flagrante schending door Israël van internationale wetten en een nieuwe en ernstige escalatie” van de gespannen situatie in het Midden-Oosten.

‘Oorlogskabinet’

”Syrië probeert zichzelf zo veel mogelijk te beheersen”, aldus al-Shara in zijn boodschap. Hij voegde er aan toe dat zijn land in staat is om Israël af te schrikken en op andere gedachten te brengen. De bewindsman noemde de Israëlische premier Sharon leider van een ‘oorlogskabinet’.

Volgens de bewindsman veroorzaakten de raketten grote materiële schade in het dorp Ain As-Saheb. Een Palestijnse functionaris zei dat door de aanval twee mannen lichtgewond raakten. Zij zouden de bewakers van het kamp zijn.