AMSTERDAM - Advocaat Jan Boone wil dat het Openbaar Ministerie een opsporingsonderzoek instelt naar bewindslieden die verantwoordelijk zijn voor het opnemen van artikel 126aa in het Wetboek van Strafvordering.

Dat artikel schrijft voor dat afgeluisterde telefoongesprekken tussen advocaten en hun cliënten direct moeten worden vernietigd.

Boone schreef donderdag een brief van die strekking aan de hoogste baas van het OM, Harm Brouwer.

De raadsman wil dat het OM ''zo nodig'' tot vervolging overgaat van de verantwoordelijken. Het bewuste artikel is volgens Boone in het wetboek opgenomen, terwijl men wist dat de gesprekken technisch niet konden worden vernietigd.

Advocatentaps

Woensdag werd al bekend dat Boone en enkele collega's een onafhankelijk onderzoek willen naar de gevolgen van het niet vernietigen van 'advocatentaps'.

Met zijn brief aan Brouwer gaat Boone dus nog een stap verder. Hij schrijft dat de leverancier van de afluistercomputers een zogeheten nondisclosure-overeenkomst heeft gesloten met de Nederlandse overheid.

Geheimhoudersgesprekken

Deze hield in dat de technische werking ervan niet naar buiten zal worden gebracht, ''met name waar het de vernietiging van geheimhoudersgesprekken betreft'', aldus Boone in zijn brief.

Woensdag liet het landelijk parket van het OM al weten dat de bezwaren van Boone in feite ''oud nieuws'' zijn, omdat hij deze al eerder kenbaar maakte in een concrete strafzaak. Het gerechtshof in Den Bosch verwierp die bezwaren toen.

Ook verwijst het OM naar een eerder onderzoek van het College Bescherming Persoonsgegevens, waarin werd geconcludeerd dat de vernietiging van geheimhoudersgesprekken technisch correct geschiedt.