ARNHEM - Het Openbaar Ministerie heeft donderdag bij de rechtbank in Groningen twee jaar cel, waarvan zes maanden voorwaardelijk geëist tegen een 49-jarige jurist uit Hoorn wegens grootschalige, stelselmatige faillissementsfraude.

Die eis viel in Arnhem, waar de rechtbank Groningen zitting hield voor deze megafraudezaak.

Het OM gelooft dat G. de H. samen met zijn even oude broer schuldeisers van failliete bedrijven voor 9 miljoen euro heeft gedupeerd.

In twee van de vijf onderzochte faillissementen vond justitie bewijs voor faillissementsfraude, witwassen, vervalsing van documenten en oplichting. Dat ging om bedrijven in Ter Apel en Veendam. In de drie andere onderzochte faillissementen vond het OM geen bewijs.

Tussen 2000 en 2005 gingen ongeveer vijftig rechtspersonen failliet waarmee de broers te maken hadden. Zij waren in totaal betrokken bij 189 ondernemingen, waarvan er 116 sneuvelden, aldus de aanklager.

Advocatenpraktijk

De H. had tot mei 2006 een advocatenpraktijk die zich bezig hield met faillissementen. Daarbij hoorde ook een derdengeldenrekening, waarop normaal geldstromen van cliënten worden beheerd.

De verdachte had daarover als advocaat geheimhoudingsplicht. Die rekening is misbruikt om rare geldstromen te verdoezelen, denkt de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (FIOD). Aan de administraties van de failliete bedrijven en aan de derdengeldenrekening viel volgens het OM geen touw meer vast te knopen.

Spannend

De genoemde vertrouwelijke bankrekening maakt het spannend, of de fraude wel volgens de wettelijke opsporingsregels is onderzocht.

Volgens De H. had de FIOD volgens de letter van de wet nooit geheimhoudingsdocumenten in beslag mogen nemen om naar sporen van fraude te zoeken. Als de rechtbank dat ook concludeert, kan dat betekenen dat er geen zaak meer is.

Vrijdag dient in Arnhem de zaak tegen G.'s broer A. de H.