HILVERSUM - Landelijk coördinerend officier van justitie voor synthetische drugs M. Witteveen is een "beetje verbaasd'' over Amerikaanse kritiek dat Nederland niet hard genoeg optreedt tegen de handel in XTC. In het Radio-1 Journaal zei hij zaterdag dat de kritiek inhoudelijk niet helemaal klopt. Ook het moment waarop deze komt, bevreemdt hem.

John Walters, directeur van het bureau voor het drugsbeleid van het Witte Huis, zei vrijdag in Rome dat de Nederlandse politie meer bevoegdheden moet krijgen om telefoons af te luisteren en om met informanten te werken.

Maar volgens Witteveen kent Nederland juist ruime bevoegdheden om telefoons af te tappen, ruimer dan in de Verenigde Staten. Bovendien ontbrak Nederland twee weken geleden nog op een Amerikaanse lijst van landen die niet genoeg doen aan de bestrijding van drugs. Ons land werd zelfs geprezen, aldus Witteveen.

De officier beaamde wel dat Nederland door politiek besluitvorming beperkt is in het werken met informanten, maar dat dit niet verboden is. Hij heeft zelf in het verleden voor wat meer ruimte gepleit en hoopt dat in discussie blijft. Witteveen vindt Walters slecht geïnformeerd en zou het fijn vinden als hij hier op bezoek kwam. "Dan denk ik dat hij tevreden zou zijn.''

De Amerikaan uitte zijn kritiek in Rome waar hij een conferentie van de Verenigde Naties over drugs bijwoonde. Nederland wordt beschouwd als de grootste exporteur van XTC naar de Verenigde Staten en andere landen.

Walters plaatste vraagtekens bij Nederlandse succescijfers over de aanpak. "Dat komt doordat de handel harder groeit dan de bestrijding ervan'', meent de Amerikaan.