ZUTPHEN - Zestien verdachten in de omvangrijke zogenoemde drugszaak TomPoes gaan vrijuit, omdat het Openbaar Ministerie (OM) in het onderzoek verscheidene regels heeft geschonden.

De rechtbank in Zutphen vond dat de aanklager daarom het recht had verspeeld om de verdachten nog te vervolgen.

De schade van deze voor justitie pijnlijke uitspraak blijft mogelijk niet tot deze zaak beperkt. Het oordeel van de Zutphense rechtbank kan vergaande gevolgen hebben voor andere strafzaken.

Tijdens het TomPoesonderzoek werden meer dan 50.000 gesprekken getapt. Informatie die daaruit voortvloeide, werd weer gebruikt in andere onderzoeken.

Moordzaak

Zo is bijvoorbeeld informatie benut in de zaak van de moord op Gert Nijkamp, de man die op 21 juni 2007 bij de school van zijn zoontje in Apeldoorn werd vermoord. Het proces tegen de drie verdachten in deze zaak loopt nog.

De vermoedelijke dader, Angelo M., werd in november aangehouden. Hij heeft bekend dat hij Nijkamp heeft beschoten. Persofficier Berendsen wil nog niet ingaan op eventuele gevolgen voor deze moordzaak.

Grove veronachtzaming

De rechters in Zutphen noemden het door het OM verrichte onderzoek woensdag ''een grove veronachtzaming''. ''Er is sprake geweest van een opeenstapeling van (vorm)verzuimen waardoor de waarheidsvinding in het geding is gekomen'', concludeerden ze.

Onder de codenaam TomPoes begon justitie in september 2006 het omstreden onderzoek naar leden van een Apeldoornse familie, die vanuit hun woonplaats mogelijk opereerden als drugsbende. Er werden zestien verdachten aangehouden, die nu moesten worden berecht.

Kapotgegaan

De rechtbank constateerde een onjuist uitgewerkte telefoontap. Verder leverde het OM volgens de rechters nog onduidelijke en onderling tegenstrijdige informatie over het begin van het onderzoek en het niet verstrekken van het proces-verbaal over het begin van het onderzoek aan de verdediging.

Tevens ging justitie ook in deze zaak weer in de fout door een groot aantal zogenoemde afgeluisterde geheimhoudersgesprekken, gesprekken tussen verdachten en bijvoorbeeld hun advocaten, niet of niet op tijd te vernietigen. Door deze vorm van nalatigheid van het OM zijn de afgelopen tijd al veel andere strafzaken 'kapotgegaan'.

Beroepsgeheim

Gesprekken tussen verdachten en hun advocaten vallen in principe onder het beroepsgeheim van de advocaat. Als de politie zulke geheimhoudersgesprekken opneemt, moet ze die zo snel mogelijk vernietigen.

De informatie daaruit mag niet gebruikt worden voor het opsporingsonderzoek. Een verdachte moet ongehinderd en vrijuit met zijn advocaat kunnen communiceren om een goede verdediging te kunnen voeren.

''Door deze verzuimen kunnen de verdediging en de rechtbank de rechtmatigheid van het onderzoek en de gebruikte opsporingsmethodes niet toetsen'', concludeert de voorzitter van de rechtbank. Bovendien kon niet meer worden vastgesteld in hoeverre het schenden van de regels invloed heeft gehad op het onderzoek.

Hoger beroep

Het OM gaat in hoger beroep tegen het vonnis. Persofficier van justitie Caren Berendsen: ''Een aantal wezenlijke punten betwisten we.''

PvdA-Tweede Kamerlid Ton Heerts sprak in een reactie van een ''zeer ernstige'' zaak. Hij had er snel met minister Ernst Hirsch Ballin (Justitie) over willen debatteren, maar heeft de aanvraag van een debat geparkeerd nu het OM in hoger beroep gaat.

Heerts wil de uitkomst daarvan afwachten, maar wees er wel op dat de kwaliteit van de opsporing en vervolging ter discussie staat.