AMSTERDAM - Het ministerie van Defensie verzwijgt een groot deel van de burgerdoden die vallen door toedoen van Nederlandse militairen.

Defensie schat het aantal op minder dan honderd, maar dat is in werkelijkheid drie keer zo hoog, schrijft dagblad De Pers op basis van een eigen telling. De krant sprak met mensenrechtenorganisaties, artsen en getuigen.

In een aanval in juni door Nederlandse gevechtshelikopters vielen volgens artsen en familieleden acht doden en vijf gewonden.

Defensie zegt dat het 'onomstotelijk' om taliban ging. Volgens de familieleden was er onder de gewonden een baby van vijf maanden bij de aanval die vooralsnog niet was gemeld in het weekoverzicht van Defensie.

Triest

Vorige week meldde Defensie dat bij een aanval van een Nederlandse F-16 burgerdoden waren gevallen. Een woordvoerder noemt dat tegenover de krant 'triest'. Het is volgens de zegsvrouw niet altijd mogelijk slachtoffers te voorkomen.

Nederlandse F-16's hebben sinds het begin van de missie in Uruzgan in 2006 driehonderd aanvallen uitgevoerd en Apaches tweehonderd. Volgens Defensie is het aantal burgerslachtoffers door die aanvallen en die van grondtroepen moeilijk te schatten.

Het Openbaar Ministerie in Arnhem, dat zich bezighoudt met militaire zaken, zegt in de krant nog geen militairen te hebben vervolgd voor het veroorzaken van burgerslachtoffers. Daar zou ook reden toe zijn geweest.