DEN HAAG - De ANWB heeft de afgelopen zomerperiode 7 procent meer hulp geboden aan vakantiegangers in het buitenland dan vorig jaar. Dat kwam vooral doordat meer auto's en caravans met pech kwamen stil te staan, meldde de toeristenorganisatie dinsdag.

De groei van het aantal pechgevallen had de ANWB verwacht. Door de economische crisis gingen meer Nederlanders in eigen land of in Europa met de auto op vakantie.

Opvallend was dat in de alpenlanden veel automobilisten met kapotte versnellingsbakken, remmen en koppakkingen te kampen hadden. In de bergen bleken de zwaarbeladen auto's (vaak met een caravan erachter) niet altijd opgewassen tegen de omstandigheden.

Zeker als er ook nog eens een file stond.

Frankrijk

Meer dan 35.000 auto's werden in de zomerperiode in het buitenland weer op weg geholpen of naar Nederland teruggebracht. Het grootste aantal hulpvragen kwam uit Frankrijk, Duitsland, Spanje en Italië.

De ANWB had mensen opgeroepen voor vertrek de auto bij de garage te laten nakijken. Ook zette de bond acht wegenwachten in op drukke plekken in Frankrijk en Italië om leden ter plekke te helpen.

De hulp aan personen vertoonde in de belangrijkste Europese vakantielanden Frankrijk, Spanje, Turkije, Oostenrijk, Duitsland en Italië een dalende tendens. Maar in Portugal, Marokko en Kroatië was juist een stijging te zien. De top drie van lichamelijke problemen in het buitenland bestond uit breuken, infecties en hart- en vaatziekten.

Ongelukken

De ANWB maakte een top 5 van de meest voorkomende vormen van letsel bij ongelukken met vakantievierende Nederlanders in het buitenland.

1. Fracturen
2. Infecties
3. Hart- en vaatziekten
4. Lichte verwondingen, vergiftigingen en kneuzingen
5. Aandoeningen aan de luchtwegen