DEN HAAG - Het kabinet is er nog niet uit hoe het conflict met België over de verdieping van de Westerschelde op te lossen.

Minister Gerda Verburg (LNV) liet vrijdag na de ministerraad weten dat zij en staatssecretaris Tineke Huizinga (Verkeer en Waterstaat) daar nog een week de tijd voor hebben gevraagd en gekregen.

Zij wilde niet vooruitlopen op het voorstel, maar zei dat alles bespreekbaar is. ''We betrekken alles erbij wat kan helpen.'' Verburg noemde daarbij het alsnog onder water zetten van de Hedwigepolder.

Woede

In april draaide het kabinet het besluit daartoe terug. Natuurorganisaties stapten daarna naar de Raad van State, die het uitbaggeren van de Westerschelde opschortte, tot woede van België.

Minister van Buitenlandse Zaken Maxime Verhagen (Buitenlandse Zaken) beloofde woensdag nog aan zijn bezoekende Belgische ambtgenoot Yves Leterme dat Nederland ''zonder vertraging'' de zeearm zou uitdiepen waardoor de Antwerpse haven beter bereikbaar wordt voor grote schepen.

Juridische aspecten

Premier Jan Peter Balkenende waarschuwde echter dat rekening moet worden gehouden met de bezwaren van de Raad van State. ''Verhagen en ik hebben exact dezelfde ambitie. Maar ik zeg erbij dat we ook rekening moeten houden met de juridische aspecten.''

Ook volgens de premier is het onder water zetten van de Hedwigepolder, een gevoelige kwestie in zijn thuisprovincie Zeeland, nog niet uitgesloten. ''De eerste voorkeur gaat natuurlijk uit naar buitendijks natuurherstel. Maar als dat om juridische redenen niet kan, dan kan alsnog worden overgegaan tot ontpoldering.''