DEN HAAG - De tijd dat de overheid van de wieg tot aan het graf voor mensen zorgt is voorbij. "De traditionele verzorgingsstaat zoals die in de jaren zestig en zeventig is opgebouwd, wordt afgeslankt", aldus premier Balkenende in een toelichting op de troonrede en de Miljoenennota.

"Eigen verantwoordelijkheid" van burgers is de bezweringsformule van het kabinet voor de komende jaren. Volgens Balkenende is dat geen goedkope manier om de miljardenbezuinigingen af te wentelen op de man en de vrouw in de straat, maar past dat uitgangspunt bij de modernisering van de sociale zekerheid en de gezondheidszorg, die door de vergrijzing beide onbetaalbaar worden.

Mensen die wel kunnen werken, maar dat niet doen, belanden sneller in de bijstand en mensen die onnodig vaak een beroep doen op de gezondheidszorg merken dat meer dan nu in hun portemonnee. Alleen de echt hulpbehoevenden kunnen nog rekenen op de overheid, betoogde Balkenende.

Sociale zekerheid

De drastische ingrepen in de sociale zekerheid (WAO en WW) en de gezondheidszorg zijn volgens de premier noodzakelijk "om perspectief te bieden voor de lange termijn". "Koersen op structurele verbeteringen is sociaal. Ik ben het niet eens met het beeld dat dit een bezuinigingskabinet is."

Loonmatiging

Ook de loonmatiging moet een belangrijke bijdrage leveren aan herstel van de economie. "Dat moeten we een tijdje volhouden, want de achterstand die Nederland heeft, haal je niet zomaar in." Balkenende hoopt dat ook de vakbonden kiezen voor loonmatiging.

Hij wil "zoveel mogelijk gelijk optrekken" met bonden en werkgeversorganisaties, waarmee het kabinet half oktober rond de tafel gaat. "De teruglopende werkgelegenheid, stijgende werkloosheid en slechte concurrentiepositie zijn een gezamenlijk probleem." De premier hoopt dat de vakbonden zich niet verlagen tot moddergooien. "Dat ze dit een horrorkabinet noemen, daar word ik niet anders van. En een werkloze heeft er ook niets aan."

Zwartepieten

Balkenende heeft geen behoefte aan "zwartepieten" naar de paarse kabinetten van Kok, maar liet wel blijken dat er destijds te makkelijk geld is uitgeven en problemen in de sociale zekerheid en de zorg niet voldoende aandacht kregen. "Ze hebben zich te rijk gewaand."

De premier vindt dat ministers die hun duidelijk omschreven doelstellingen niet halen, niet hoeven af te treden. Zolang de Tweede Kamer het vertrouwen in het kabinet houdt, is er niets aan de hand en het is aan de kiezer om het kabinet al dan niet af te rekenen op de resultaten.