AMSTERDAM - De studiebeurs moet een lening worden. Hiermee kan de overheid honderden miljoenen euro's per jaar besparen. Dit stelt het Centraal Plan Bureau (CPB) in de Macro Economische Verkenning.

Volgens het zogeheten sociaal leenstelsel schiet de overheid de kosten van levensonderhoud voor in de vorm van een lening. Studenten betalen hiervoor een marktconforme rente plus een risicopremie. De overheid loopt het risico dat studenten na hun studie niet genoeg verdienen om de lening te kunnen afbetalen. Als dat wel zo is, dan wordt het geleende bedrag na afronding van de studie afgelost. Hoger opgeleiden die na hun studie een laag inkomen hebben, hoeven minder of niets terug te betalen.

In het huidige stelsel ontvangen alle studenten een basisbeurs. Studenten met minder draagkrachtige ouders ontvangen een aanvullend bedrag. Iedereen betaalt via collegegelden bij aan de studie. Een lening voor levensonderheid is mogelijk. Door dit subsidiestelsel betaalt de overheid 88 procent van de kosten van de opleiding van een gemiddelde student, zo heeft het CPB berekend.

Achterhaald

Het subsidiestelsel is volgens het CPB achterhaald, omdat ook studenten die zelf hun studie kunnen betalen subsidie ontvangen. Bovendien ontneemt de subsidie prikkels voor ouders om te sparen voor de opleiding van hun kind. Verder betaalt de overheid mee aan de studie van mensen die daar later vooral zelf van profiteren omdat ze veel verdienen.

Commerciële banken willen studenten niet verzekeren, omdat de inkomensontwikkeling na de studie moeilijk is in te schatten. Daarom moet de overheid zo'n lening opzetten, aldus het CPB. De Macro Economische Verkenning wordt elk jaar op Prinsjesdag aan het kabinet aangeboden.