BRUSSEL - Premier Balkenende en de Belgische premier Verhofstadt willen de samenwerking op het gebied van de drugsbestrijding nieuw leven inblazen. Balkenende sprak van problemen - hij noemde de koffieshops in de grensgebieden - "waar je als twee landen tegenaan loopt".

Balkenende, woensdag voor zijn eerste buitenlandse bezoek in Brussel, liet weinig los over wat hem precies voor ogen staat. Binnenkort beginnen gesprekken daarover, kondigde hij alleen aan. Verhofstadt was ook weinig concreet, maar liet doorschemeren dat de onlangs opgevoerde samenwerking tegen de grensoverschrijdende misdaad tussen België en Frankrijk ook voor de Lage Landen mogelijk moet zijn. Zowel justitie als politie is daarbij betrokken.

Het gaat onder meer om gezamenlijke gewapende grenspatrouilles van de politie. Begin september begint in Doornik, op nog geen tien kilometer van de grens met Frankrijk, een proef met een gemeenschappelijk politiebureau met 24 Franse en twaalf Belgische agenten.

Europa

De lunchontmoeting met Verhofstadt ging verder vooral over Europa. Dat onderwerp had de CDA-premier toen al 's ochtends in Luxemburg aangekaart met zijn Luxemburgse collega Juncker. Voorzitter Prodi van de Europese Commissie sloot de rij.

Na afloop van de gesprekken zei Balkenende, die VVD-staatssecretaris Nicolaï van Europese Zaken bij zich had, dat er geen 'waterscheiding' zal zijn met het EU-beleid van Paars. Wel zijn er twee Europa-notities in de maak, over de uitbreiding van de EU en over bestuurlijke zaken.

Benelux

Balkenende pleit voor een grotere inbreng van de Benelux in de Europese Conventie, een club van (oud-politici) die zich enkele maanden buigt over verdere hervormingen in de EU. Het werk daarin loopt volgens staatssecretaris Nicolaï "iets anders dan ingeschat door de vorige regering".

In plaats van verschillende opties als uitkomst lijkt het werk van de Conventie uit te draaien op een concept-verdrag, was de redenering van Balkenende. Nederland dient daarover een positie in te nemen.

Of D66-minister van Staat Van Mierlo, door Paars aangewezen als regeringsvertegenwoordiger in de Conventie, daardoor moet opkrassen, wilde Balkenende niet kwijt. We moeten eerst kijken of Van Mierlo zich kan verenigen met onze positie, zei hij.