TEGUCIGALPA - Het leger van Honduras heeft de linkse president Manuel Zelaya Rosales zondag afgezet. Hij werd door militairen uit zijn huis gehaald en naar Costa Rica gevlogen.

Het hooggerechtshof van het Midden-Amerikaanse land zei de afzetting te hebben bevolen om het recht te beschermen tegen de president. Zelaya wilde zondag namelijk een referendum houden om een wijziging van de grondwet in gang te zetten.

Daardoor zou hij langer president kunnen blijven. Het hof had de volksraadpleging echter ongeldig en onwettig verklaard.

President

Vanuit Costa Rica zei Zelaya dat hij nog steeds de rechtmatige president van Honduras is. Om die reden zou hij maandag gewoon naar een ontmoeting met de andere presidenten van Midden-Amerika reizen.

Het is echter maar de vraag of het Hondurese parlement, het Nationale Congres, het met hem eens is. De congresleden onthieven Zelaya zondag uit zijn functie, omdat hij de grondwet, andere wetten en juridische uitspraken zou hebben geschonden.

De taken van de president worden voorlopig waargenomen door parlementsvoorzitter Roberto Micheletti, een partijgenoot van Zelaya.

Demonstranten

Volgens Hondurese media demonstreerden aanhangers van Zelaya in de hoofdstad Tegucigalpa tegen de staatsgreep. De politie zou traangas hebben ingezet om de menigte uiteen te drijven.

De staatsgreep tegen Zelaya is wereldwijd veroordeeld. EU-voorzitter Tsjechië noemde het een ''onaanvaardbare schending van de grondwettelijke orde'', de Amerikaanse president Barack Obama riep alle partijen op hun geschillen vreedzaam op te lossen. Oud-kolonisator Spanje eiste de onmiddellijke terugkeer van Zelaya.

Ook Zelaya's voorbeeld, de Venezolaanse leider Hugo Chávez, haalde uit naar de coupplegers. Elke nieuwe regering ''zullen we ten val brengen'', zei Chávez op de staatstelevisie van Venezuela.