SKOPJE - Ongeveer 1200 Albanezen zijn vanuit het noorden van Macedonië naar Kosovo en Servië gevlucht, omdat in hun woongebied al enkele dagen hevig wordt gevochten tussen de Macedonische politie en gewapende Albanezen. Dat hebben Macedonische politieagenten dinsdag gemeld.

Volgens de politie zijn de meeste vluchtelingen vrouwen en kinderen. In de zoektocht naar gewapende Albanezen zijn de dorpen Vaksince en Lojane afgegrendeld.

Burgeroorlog

De politie zoekt naar leider Avdil Jakupi van een groep van ongeveer twintig gewapende Albanezen. De groep, het Albanese Nationale Leger (ANA), dreigde volgens Albanese media dinsdagmiddag met een nieuwe burgeroorlog als het leger zich niet voor dinsdagavond zou terugtrekken. Maar na bemiddeling door etnische Albanezen uit het Macedonische parlement heeft de groep er voorlopig van afgezien het ultimatum te stellen, meldden bronnen rond de rebellen.

Volgens de Macedonische politie heeft het ANA vorige week twee politieagenten ontvoerd en is ze verantwoordelijk voor een reeks aanslagen in de hoofdstad Skopje.

NAVO

In 2001 maakte een vredesverdrag een einde aan een zeven maanden durend conflict tussen Slavische Macedoniërs en etnische Albanezen. De laatste groep streed toen voor meer rechten. Buitenlandse militairen, eerst onder gezag van de NAVO en nu van de Europese Unie, proberen er de rust te handhaven.