DEN HAAG - Basisscholen en ouders mogen samen voortaan zelf de schooltijden vaststellen. De maximale lestijd van 5,5 uur per dag wordt afgeschaft en de huidige urenverdeling tussen de onder- en bovenbouw wordt aangepast. Dat stelt minister Van der Hoeven (Onderwijs) voor in een brief die zij dinsdag naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

De minister komt hiermee tegemoet aan de wens van de Tweede Kamer, die daar in november vorig jaar een motie over aannam. Van der Hoeven wil de invloed van ouders op de schooltijden in de wet vastleggen. Scholen kunnen de lestijden niet wijzigen zonder instemming van ouders in de medezeggenschapsraad.

Scholen mogen het totaal aantal uren in de bovenbouw terugbrengen van de huidige 4000 naar minimaal 3840 uur. Dit komt neer op een schoolweek van gemiddeld 24 uur.

Kiezen

Kiezen scholen voor deze optie, dan moeten zij in de onderbouw minimaal 3680 uur (nu verplicht 3520 uur) aanbieden om de minimale onderwijstijd van 7520 uur voor de hele basisschoolperiode te halen. Dat betekent gemiddeld eenschoolweek van 23 uur. Iedere andere verdeling mag, als scholen zich maar aan de totale minimum onderwijstijd (7520) houden.

Het voorstel maakt het ook mogelijk om roosterproblemen op te vangen en ruimte te creëren voor na- of bijscholing van docenten. Zo kunnen scholen nu een extra vakantieweek inplannen, of een extra vrije middag invoeren.