AMSTERDAM - De rechtbank in Amsterdam heeft de 39-jarige R.C. tot zes maanden gevangenisstraf veroordeeld voor het wegmoffelen van een lijk. De rechtbank achtte bewezen dat hij in februari 2001 in Amsterdam-West een misdrijf probeerde te verhullen door zich te ontdoen van het lichaam van een snorder, dat hij in zijn huis had aangetroffen. Dat maakte de rechtbank donderdag bekend.

De officier van justitie had twaalf jaar geëist. Volgens justitie had C. de snorder met een hamer om het leven gebracht. De rechtbank vond het bewijs hiervoor echter te mager. Het Openbaar Ministerie gaat niet in hoger beroep. "Wij denken dat de kansen op veroordeling in hoger beroep niet groter zijn", aldus persofficier S. de Klerk.

C. ontkende de moord tijdens de zitting. Hij kende het slachtoffer als snorder, een illegale taxichauffeur. Het slachtoffer bracht C. wel eens naar huis en bezorgde hem drugs. De relatie tussen de snorder en de klant werd al snel vriendschappelijk. De snorder had ook een sleutel van C's woning waar het slachtoffer zo nu en dan met een vriendin verbleef.

Toen C. in de nacht van 17 op 18 februari 2001 thuiskwam uit zijn werk, trof hij naar eigen zeggen het slachtoffer badend in het bloed op een stoel aan. Waarschijnlijk was de 49-jarige Amsterdammer toen al niet meer in leven. C. haalde in ieder geval geen hulp en waarschuwde ook niet de politie. Hij huurde de woning van zijn baas en wilde die niet in de problemen brengen.

C. hield het lijk tot dinsdag 20 februari in huis, wikkelde het daarna in vuilniszakken en stopte het in een doos van een zonnehemel die hij op straat had gevonden. De doos zette hij neer in de Staalmeesterlaan in Amsterdam-West. De met bloed besmeurde hamer waste hij schoon, hij schilderde de met bloed bevuilde muren opnieuw en verving een met bloed overgoten stuk tapijt.

De rechtbank heeft bij het bepalen van de straf laten meewegen dat de actie van C. extra moeilijk is voor de nabestaanden. Het handelen van C. heeft het opsporingsonderzoek door justitie en politie onmogelijk gemaakt en de nabestaanden enige tijd in onzekerheid gelaten over het lot van het slachtoffer. Ook is de kans groot dat de nabestaanden nooit zullen weten wie de taxichauffeur om het leven heeft gebracht, aldus de rechter.