AMSTERDAM - De Iraanse onderminister van Buitenlandse Zaken, Mahdi Akhoundzadeh, reageerde dinsdag verbolgen op uitspraken van minister Maxime Verhagen (Buitenlandse Zaken) in het tv-programma Nova.

Verhagen zei zondag in een uitzending van tv-programma Buitenhof dat er wapens uit Iran in handen zijn van de Taliban. Iran zou er volgens de bewindsman te weinig aan doen om wapenleveranties te voorkomen.

Akhoundzadeh, hoofd van de Iraanse delegatie op de Afghanistan-top, noemde de beschuldigingen ongegrond. Volgens hem zijn de uitspraken slechts gedaan om het falen van de mogendheden in Afghanistan te verdoezelen.

Vriendelijk

Verhagen zei in het tv-programma Pauw & Witteman dat de Iraanse onderminister tegen hem heel vriendelijk was geweest en de kwestie van de wapens niet had aangeroerd. Dat Iran zich liet vertegenwoordigen door een onderminister noemde Verhagen hoger dan verwacht.

De aanwezigheid van Iran in Den Haag geeft volgens de minister aan dat het land betrokken wil zijn bij de strijd tegen wapenhandel.

Verder zei Akhoundzadeh dat Afghanistan economische hulp nodig heeft en niet meer militairen.

Onsuccesvol

Volgens hem wakkert de aanwezigheid van buitenlandse militairen de strijd van opstandelingen juist aan. Daarnaast noemde hij het beleid van de Navo in Afghanistan onsuccesvol, net als de campagne tegen papaverteelt.

Akhounzadeh zei tijdens de top dat zijn land ''ten volle bereid'' is om mee te werken aan de ontwikkeling en wederopbouw van Afghanistan. Datzelfde geldt voor de strijd tegen de handel in en de productie van drugs.