DEN HAAG - Minister André Rouvoet (Gezin) gaat onderzoeken of de hoogte van de kinderbijslag in het buitenland gebaseerd kan worden op de kosten voor het levensonderhoud in het land waar de kinderen wonen.

Dat heeft Rouvoet dinsdag gezegd tijdens een spoeddebat in de Tweede Kamer over fraude met kinderbijslag in Marokko en Turkije.

Vooral CDA en SGP wezen er in het debat op dat de hoogte van de kinderbijslag is gebaseerd op de kosten voor zorg en onderwijs voor kinderen in Nederland, terwijl deze kosten in Marokko en Turkije lager zijn.

De ChristenUnie-bewindsman waarschuwde wel dat er diverse haken en ogen zitten aan het hanteren van het zogeheten woonlandbeginsel bij de export van kinderbijslag.

Stopzetten

VVD, PVV en Rita Verdonk willen direct verdragen over de export van allerlei uitkeringen stopzetten. Maar volgens Rouvoet kunnen internationale verdragen niet eenzijdig worden aangepast.

Hij noemde opzegging een uiterste stap met risico's. Volgens hem lopen dan wel bestaande rechten op uitkeringen door, terwijl afspraken over controle op fraude worden opgezegd.

De PvdA wil niet direct spreken over beperken van kinderbijslag naar het buitenland, zoals coalitiegenoot CDA voorstelde.

Reactie

PvdA-Kamerlid Samira Bouchibti wil daarvoor eerst een reactie van het kabinet afwachten op eerder gestelde vragen van de Kamer over het beperken van de export van uitkeringen in zijn algemeenheid. Voor de zomer wordt hierop een kabinetsreactie verwacht.

Daarbij wil Bouchibti ook weten ''welke stok Nederland achter de deur heeft'' in de verdragen met Marokko en Turkije om deze landen te dwingen meer mee te werken aan het controleren op fraude.

De PvdA zet met ChristenUnie, SP en GroenLinks vooral in op een strengere toekenning van uitkeringen in het buitenland en een hardere aanpak van fraude.