DEN HAAG - Het kabinet moet het verbod op godslastering afschaffen. Een meerderheid van de Tweede Kamer heeft dinsdag opgeroepen dit wetsartikel te schrappen.

De meerderheid kwam tot stand dankzij de steun van regeringspartij PvdA. Verder stemden SP, VVD, GroenLinks, PVV, de Partij voor de Dieren en Rita Verdonk voor het voorstel van D66.

''Dit is een zegen voor het publieke debat en de vrijheid van meningsuiting'', aldus D66-Kamerlid Boris van der Ham.

Motie

De regeringspartijen CDA en ChristenUnie steunden een motie van de SGP om het verbod op godslastering juist te handhaven.

Zij hechten veel waarde aan de extra bescherming die artikel 147 van het Wetboek van Strafboek gelovigen biedt.

Verdeeldheid

De verdeeldheid in de coalitie biedt minister Ernst Hirsch Ballin van Justitie de kans om verder te werken aan zijn eigen voorstel.

De bewindsman wil artikel 147 schrappen en gelijktijdig een antidiscriminatiewet (137c) verduidelijken.

Historische beslissing

SP-Kamerlid Jan de Wit noemde de oproep om het verbod op godslastering te schrappen een ''historische beslissing''. SGP-Kamerlid Kees van der Staaij bestreed dat er een historisch besluit is genomen.

Ook CDA'er Sybrand van Haersma Buma heeft moeite met die kwalificatie. ''Het lijkt soms een kruistocht tegen alles wat met geloofsovertuiging te maken heeft. Het is voor een groep mensen in de maatschappij heel pijnlijk dat dit verbod verdwijnt.''

Diverse fracties deden ook een poging om te voorkomen dat Hirsch Ballin de antidiscriminatiewet zal aanpassen. Daarvoor bestaat echter geen Kamermeerderheid.

Bredere acceptatie

Hirsch Ballin ziet voldoende ruimte om met zijn wetsvoorstel door te gaan. Hij zei in een reactie te streven naar een bredere acceptatie ervan en wees erop dat voor het schrappen van een wet in zowel de Tweede als Eerste Kamer een meerderheid nodig is.

De minister zal in een brief aan het parlement zijn standpunt toelichten. Daarbij zal hij letten op de verschillende opvattingen en gevoelens in de Kamer over de kwestie.